Ik weet niet meer goed wat me overtuigd heeft om dit boekje te kopen.

  • Het handige formaat dat eruit ziet als een dagboekje, een van de enigen op de kunstafdeling, want ik zocht naar iets compact voor op reis.
  • De titel “In de wereld van Jan Hoet” want ik ben iemand die altijd interesse heeft in biografieën of individuele verhalen van mensen.
  • De persoon van Jan Hoet als hoofdrolspeler: een leider uit de kunstwereld of zoals velen hem noemden, de kunstpaus. Hij heeft me altijd geïntrigeerd, zeker nadat ik hem als keynote op een seminarie heb horen spreken. Wat een enthousiasme. Eén bom energie. Op zijn toenmalige leeftijd van boven de 70, meer energie, vastberadenheid, strijdvaardigheid en overtuigingskracht dan dat vele 20-ers hebben.
  • De tekeningen in het boekje in combinatie met de vermelding “Jan Hoet is geen kunstenaar” die me op de bescheidenheid van de man wezen.
Het zal een combinatie van alle factoren zijn.
Toegegeven, ik ben het niet altijd met hem eens. Ik vind het moeilijk te aanvaarden dat 1 iemand zoveel macht heeft om een aankoop van een publieke kunstinstelling te bepalen. En ik ben ervan overtuigd dat het vooral zijn persoonlijke koers was die erin schuilde en niet die van een gezamelijk team. Een schoolvoorbeeld van de klassieke, paternalistische leider uit de vorige eeuw.
Aan de andere kant heb ik diep respect voor iemand met zo’n ballen aan zijn lijf. Een idealistische ondernemer, die risico’s durft nemen, zo’n verantwoordelijkheid aankan, die vertrouwt op zijn intuïtie in zo’n subjectieve wereld, die zo’n overtuigingskracht aan de man kan brengen, die de moderne kunst in België op de kaart heeft gezet en tegelijkertijd durft toegeven als hij er toch even naast zat, beroepend op het excuus, “ik ben ook maar een mens”. En wie kan hem dat inderdaad verwijten, zeker in zo’n subjectieve wereld. Dus diep respect dus voor de persoon zelf.
Terzijde: dat doet mij denken aan een discussie die ik onlangs heb gevolgd tussen 2 familieleden, een bedrijfsleider en een werknemer (beide van verschillende bedrijven). De werknemer hekelde de manier waarop haar baas “van gedacht kan veranderen”. Ze miste consequentie in het beleid. Waarop de bedrijfsleider antwoordde: “Bedrijfsleiders zijn ook maar mensen, die zich vergissen, zich bedenken en bijsturen.” Dit begrip brengt het gedrag van Jan Hoet als leider van het kunstgebeuren inderdaad in een juist daglicht. Het is een persoon die leert, een flexibele geest die regelmatig bijstuurt. Als je daar niet dichtbij en lang genoeg mee samenwerkt is dit echter niet gemakkelijk om dat te begrijpen.
Terug naar het boek. De tekeningen vind ik persoonlijk inderdaad ook niet echt overtuigend. Ik zocht naar de relevantie ervan in het boek en die heb ik uiteindelijk gevonden op bladzijde 125 in de rubriek “Om mijn ogen te wassen”:
“De losse tekeningen in de schetsboeken hebben uiteraard niks te maken met kunst of pogingen tot. Dat doe ik gewoon om me te amuseren, en om mijn ogen te wassen. Als je zoiets doet, word je geconfronteerd met de moeilijkheidsgraad ervan. Probeer maar eens een paar handen te tekenen, dan weet je het wel. De kunstenaar heeft die moeilijkheidsgraad overwonnen, hij bevindt zich al au-delà, in een ander domein. Het uitdrukken is bij hem sterker dan het weten.” Jan Hoet

Dat vind ik inderdaad een heel knap stuk uit het boek en dit overtuigt mij dan weer dat Jan Hoet niet zomaar een klassieke leider van de vorige eeuw was. Hij geeft toe dat hij zelf niet kan wat hij eigenlijk verkoopt, maar hij heeft wel het lef het te proberen om te zien hoe complex en uniek dit is wat gemaakt wordt en daarbovenop geef hij toe dat anderen hier veel beter in zijn dan hijzelf. Knap. Daar kunnen hedendaagse leiders nog van leren: af en toe hun ogen wassen.
Over wat gaat dit boek nu eigenlijk. Wel over verschillende aspecten van de persoon Jan Hoet. Aan de ene kant leer je hem beter kennen als persoon: iemand die zijn eigen mening heeft, maar die ook altijd toetst. Iemand die, eens hij zijn mening heeft gevormd, daar onwrikbaar achter staat en 200% overtuigd is van zichzelf en ervoor gaat om anderen daarvan te overtuigen. Zo kan hij ook zo overtuigend overkomen. Omdat hij op dat moment voor zichzelf weet dat hij het bij het rechte eind heeft. Hij kies without regrets. Hij verkiest een foute mening boven het blijven twijfelen en toetsen. Zijn temperament van durven en ongeremde passie hebben hem daar alvast sterk in gesteund. Tegelijkertijd, op éénder welke leeftijd, blijft hij open staan om zijn mening bij te sturen. Hij is één van de meest flexibele geesten die ik ken. (Hij heeft slechts op 1 aspect afgehaakt, de computer en internet maar kan je hem dat kwalijk nemen op die leeftijd 😉 De inleidende tekst van het boek is hierbij de mooiste illustratie. Toen Laurens De Keyzer, de samensteller van het boek, Jan Hoet de vraag stelde om dit boek te maken was zijn antwoord resoluut: “Geen sprake van!” Vele maanden later draaide Jan toch bij, weliswaar onder de voorwaarde van expliciete vermelding “dat hij geen kunstenaar is.” Een nieuwe, tegenovergestelde mening, waar hij dan opnieuw voor de volle 200% achter staat.
Hij komt ook over als een eeuwige optimist die gedreven wordt door zijn eigen nieuwsgierigheid. Hij laat zich niet zomaar van de wijs brengen door één of andere gebeurtenis, persoon, zelfs geen ziekte.

“Het is aanpassen of jezelf verliezen. Vanuit een andere rol bouw ik een andere wereld op. Zoals een dokter die patiënt wordt.” Jan Hoet

Dergelijke weerstanden zijn ondergeschikt aan zijn eeuwige gedrevenheid door de nieuwsgierigheid in de kunst. Om steeds weer nieuwe richtingen te ontdekken, nieuwe kunstenaars te leren kennen, mensen te overtuigen van de rol en de meerwaarde die het in een mensenleven speelt. Deze oneindige, on-stop-bare drive voor het nieuwe, om bij te leren voel ik bij mezelf ook. In 90% van de gevallen kan ik daar ongelofelijk van genieten en geeft het me energie. Soms durft het me echter ook wel eens bepaalde grenzen brengen waardoor die energie zich niet “heroplaadt.” Die momenten zal Jan Hoet ook wel beleefd hebben toen hij met zoveel weerstand is moeten omgaan op de momenten dat hij het SMAK erdoor moest krijgen. Hoe hij het heeft aangepakt: slim en heel creatief. Een tekort aan aankoopbudget heeft hij besteed aan publiciteit om aandacht te trekken op dat lage budget. Die moet ik echt onthouden 😉 Daarnaast geeft de kunst op zich, zijn passie zelf hem ook steeds opnieuw veel energie:

“De levenskracht die we ervaren van een stil gedicht, een krachtige roman, een menselijke stem en een ruimtevullende sculptuur.” Jan Hoet

Tegelijk leer je hem ook als kunstkenner beter kennen. Hij is iemand die analytisch te werk gaat, notities neemt, vastlegt, zijn notities herneemt, zijn mening vormt en continu bijstuurt. Eigenlijk doet hij wat een typische trendwatcher doet: observeren, vastleggen, analyseren, beschrijven en verwerken, terugspiegelen en de nieuwe signalen erin verwerken. Een echte trendwatcher, maar dan in het domein van de kunst. Hij herkent de grote factor van de toeval in de kunst. Tegelijkertijd erkent hij evenzeer de expertise van de kunstenaar als iemand die open staat en grenzen verlegt. Hij stelt ook duidelijke evoluties vast zoals de slingerbeweging van de groeperingen in de kunst naar meer en meer sleutelfiguren in de kunst, individuen die hun richting bepalen aan de markt.


“Van zodra kunst kunst is krijgen we een nieuwe realiteit die zich niet laat herhalen in een volgend kunstwerk.”


“Het weten kan je verhinderen in het ontdekken van nieuwe dingen of in het openstaan voor verandering. De kunstenaar overwint dat.”


“Broodthaers stelde de tautologie in vraag. Magritte stelde de logica in vraag. En Koons? Koons vergroot gewoon uit.”

“Vandaag heb je veel meer idiosyncrasie, kunstenaars die werken vanuit individueel bepaalde eigenaardigheden.” Jan Hoet



In die zin stond hij ook midden in de economische realiteit. De kunstmarkt met de kunstenaars als aanbieders, en de collectioneurs als kopers. Grappig hoe hij altijd geprobeerd heeft om geen partij in deze economische realiteit te kiezen en dan zelf wordt geconfronteerd met zijn 2 kinderen die in de kunsthandel stappen. Hij die altijd gezworen heeft dat hij het doet uit idealisme ziet zijn kinderen er hun brood mee verdienen. Het is inderdaad een andere (lees: mijn) generatie met andere waarden en andere drijfveren 😉


Deze uitspraak uit het boek zal ik echter blijven onthouden:

“Ik weet niet wat kunst is. Kunst zelf zal ons vertellen wie ze is. Ik kan alleen een ticket voor de ontdekkingsreis aanbieden.” Jan Hoet

Dit is inderdaad hetgeen me in mijn eigen job ook het sterkste drijft: Ook ik kan als manager niet altijd zeggen hoe het precies moet. Ik kan alleen het ticket voor de ontdekkingsreis aanbieden en (ik voeg er graag aan toe) samen op weg vertrekken. Wie gaat er mee?