03 juni 2008

Tentoonstelling: Mix 05/2008

Vorige vrijdagavond ben ik rechtstreeks van Oostende naar Sint-Lambrechts Woluwe gesnord. Een zalige 120 kilometer en dat allemaal om het werk van een collega e-atelierer, Michel Smekens, te gaan bewonderen in de tentoonstelling Mix 05/2008. En het was vast en zeker de kilometers waard.

In het gemeenschapcentrum Op-Weule, en tijdens het openingsweekend ook in de loods ernaast, was er werk te zien van Michel, Bart Reekmans, Herman Moureau en Maurice Verreydt. Bij de tentoonstelling zelf, en ook te zien op de blog, kreeg ik eerder het gevoel van een galerij-presentatie. Alle aandacht op het werk. De ruimte dient als ondersteuning en staat in functie van het werk. Persoonlijk vind ik het altijd een extraatje als het aspect presentatie ook creatief wordt ingevuld. Maar dat ligt eerder aan fascinatie voor het element ruimte, dan aan de tentoonstelling zelf.

Als ik het gepresenteerde werk overloop dan heb ik duidelijk 2 favorieten. Het werk van Michel spreekt me heel sterk aan. Het komt bij mij over als een heel persoonlijke beeldtaal toegepast op het onderwerp mensen. Het zijn geen onpersoonlijke figuren, maar echte individuen met een uitgesproken karakter, emotie, boodschap. Toegegeven, ze komen eerder melancholisch, zeer gevoelig, broos, getekend door het leven en dus ook minder optimistisch over. Maar it's smack in your face, krachtig, duidelijk, expliciet, zelfzeker. Knap werk en terechte selectie voor de canvascollectie.

Ook het werk van Bart kon me zeker bekoren. Ik had zijn werk de week ervoor leren kennen in de tentoonstelling "Forward" van de nieuwe lichting e-atelierers. Het werk was me bijgebleven maar ik had toen eerder oog voor de schilders in deze tentoonstelling. In MIX 05/2008 heeft hij echter een veel diepere indruk op me gelaten. Wat me vooral opviel was zijn consequentie. Hij kiest een richting en puurt dit onderwerp uit tot hij het maximum eruit haalt. Dit "hoogtepunt" in de vorm van een hele reeks werken had bij mij een grotere impact. Ook zijn invalshoek sprak me sterk aan. Uitgekeken op het klassieke "naaktmodel" is hij gaan zoeken naar andere vergelijkbare onderwerpen die hem fascineren. Vanuit de associatie met de boom, de stam van de boom, de ruggegraat van de boom is hij terecht gekomen bij zijn laatste werken. Naast een hele reeks tekeningen was er ook een installatie te zien. Een "ruggegraat" bestaande uit een reeks boomstronken die hij zwart had geschilderd en in een weloverwogen volgorde naast elkaar op de vloer had gepresenteerd. Echt knap.

Labels: ,

05 april 2008

Expo april in Zebrastraat: Chris Hoerée

Je weet nog dat ik vorig jaar het Wisper e-Atelier in Leuven heb gevolgd. Wel, één van de medecursisten Chris Hoerée, geeft een tentoonstelling in de ontmoetingsruimte van de Zebrastraat tussen 1 en 30 april.

"Het getekende lichaam" is vooral gebaseerd op de studie van dansers, gedichten of gewoon gevoelens. Ik ga zeker eens kijken hoe het werk ondertussen is geëvolueerd.

Labels: ,

19 juni 2007

Evaluatie opleiding e-Atelier Wisper

Eindelijk tijd gevonden en ruimte gecreëerd in mijn hoofd om hier eens grondig bij stil te staan. De coaches van het e-Atelier hadden al enkele weken geleden de vraag gesteld. Wat heeft het e-Atelier van Wisper en Kunstwerk(t) mij bijgebracht? Hebben de 8 praktijkdagen, het atelierbezoek bij de kunstenaar, het museumbezoek en de uren online communicatie mij opgeleverd wat ik wou? Heb ik mijn doelstelling bereikt?

Hiervoor grijp ik dus eerst en vooral terug naar het doel en de verwachtingen die ik beschreven heb in september 2006:`

"Ik blijf nog altijd streven naar het zelf creëren van die organische ruimten met felle kleuren, een eigen sfeer geïnspireerd op de jaren 60 en 70 designerswereld (Verner Panton, Saarinnen) en de hedendaagse designers en architecten (Toyo Ito, Calatrava). Maar dan met het toepassen van de nieuwe schildertechnieken die ik vorig jaar heb bijgeleerd."
In het streven naar dit doel wou ik de mogelijkheden van internet gebruiken en het eindresultaat tonen tijdens een tentoonstelling aan het einde van de cursus.

Wat is nu mijn evaluatie?
  • Ik heb zeker en vast mijn grenzen serieus verlegd in het creëren van die nieuwe, organische, eigen wereld. Ik ben nog niet op het niveau die ik wil en kan, maar op die tijd is het maximale er wel uitgehaald. Daarnaast heb ik een totaal andere kant van mezelf leren kennen. Een dionysische kant waarin ik ook totaal anders schilder en werken oplevert die sterker overkomen dan die werelden. Had ik die grenzen kunnen verleggen zonder deze opleiding? Misschien wel, maar ik ben ervan overtuigd dat de oefeningen en de feedback dit proces serieus heeft versneld. Vooral de introspectie-oefeningen rond de vraag waarom schilder ik en wat probeer ik te zetten hebben me serieuze sprongen laten maken. Deze balans is hier dus zeker positief.
  • Ik heb dit resultaat en andere werken kunnen tonen tijdens de groepstentoonstelling met een mooie introductie van een expert, in een klassevolle omgeving, met een receptie aangeboden door het bedrijf. Ik heb kunnen proeven van wat er bij komt kijken om je werk te presenteren en te zorgen dat er mensen komen kijken. Ook het werken naar een artistieke deadline die een andere manier van stresshantering vergt was ook bijzonder leerrijk. Dus, tweede mission accomplished.
  • En ik heb zeker internet zo intensief en optimaal mogelijk weten te gebruiken via het Google discussieforum om de interactie tussen de medecursisten maximaal te houden. Ook geslaagd dus.
Zijn er verbeteringspunten naar de opleiding toe?
  • Op vlak van inhoudelijke invulling om nog verder in die eerste doelstelling (eigen wereld creëren) te geraken kon volgens mij geen verdere grenzen bereikt worden. De coach Liesbet heeft zeker bij mij het onderste van het onderste uit de kan gehaald. Haar manier van in je hoofd kruipen en je doelgericht te "teasen" met opdrachten op jouw niveau is uniek. In alle opleidingen die ik al gevolgd heb ken ik niemand die zo sterk de principes van coaching kon toepassen: constructief, assertief, soms confronterend feedback geven, niet snel tevreden, zeer geduldig, je altijd nog dat stapje verder laten gaan in de richting die je zelf wilt, je motiveren en de veilige omgeving creëren die nodig is om te durven blunderen. Een combinatie van technieken die je leerproces maximaal versnellen zowel door feedback te krijgen van coach en medecursisten als door zelf feedback te geven. Het enige puntje die ik misschien hierbij kan aanvullen is dat het leren geven van feedback rond de beeldtaal aan elkaar misschien iets vroeger in het programma ingeoefend en explicieter mag worden zodat iedereen dat sneller durft. Maar in elk geval, een hele mooie aanvulling op de eerder technische begeleiding in de Academie. Dus dit is voor Liesbeth: heel erg bedankt. Hopelijk kunnen mijn verslagjes die momenten af en toe terugbrengen zodat ik hier nog een hele tijd van kan nagenieten. Naast die praktijkdagen was het bezoek aan de tentoonstelling en het atelier van Vincent Geyskens ook bijzonder geslaagd. Prima organisatie, goeie voorbereiding, een boeiende gids, een realistische getuigenis van iemand uit het veld die iets te vertellen heeft en het ook kan overbrengen. 2 heel leerrijke dagen die volgens mij niet beter kon ingevuld worden. Dus ook aan Petja: knap werk!
  • Aan de tentoonstelling hebben we wel een aantal nadelen ondervonden. Er zijn altijd geïnteresseerden die jammer genoeg niet op dat vernissagemoment kunnen komen. En de tentoonstelling had vrij beperkte openingsuren. Op dat vlak kon de tentoonstelling volgens mij misschien ook sterker aangevuld worden met het e-aspect. Het is tenslotte een e-atelier, waarom dan ook niet een e-tentoonstelling? Voor het volgend jaar zou ik aanraden om die blogs van de deelnemers zelfs van in het begin van de cursus bekend te maken bij een aantal key figuren zoals de spreker op de tentoonstelling, journalisten? En te werken naar een moment waarop je het discussieforum gaat openstellen zoals een "online vernissage" van de "e-tentoonstelling" op de dag van de opening. Dit lijkt me vrij uniek en zou wel eens sneller opgepikt kunnen worden door de pers en artbloggers. Ik raad aan om zeker een blog of site van de groep te maken. Met een mogelijkheid dat bezoekers zich erop kunnen abonneren (e-nieuwsbrief of RSS) waar af en toe een werkje wordt gepresenteerd, en wat berichtjes à la "nog 128 dagen voor de e-tentoonstelling"...
  • Ook het e-aspect tijdens het jaar kan volgens mij nog wat verder doorgetrokken worden. e-Atelier roept voor mij meer op dan e-mailverkeer. (e-mail is maar 1 (klein) aspectje van wat je met internet kunt doen.) Leren via internet of e-Learning biedt zeker nog extra mogelijkheden die doelgericht kunnen ingezet worden om de schaarse 8 dagen tijd nog efficiënter te kunnen invullen. Daar is ook massaal veel info online beschikbaar. Ik vond zelfs een site die deze combinatie, art en e-learning, onderzoekt. Dus hier zou nog wat research kunnen gebeuren rond strategie, didactiek en open source tools om nog meer uit het medium te halen. Ik denk aan het op voorhand doorsturen van theoretische kaders (in de vorm van links naar interessante kunstfora, online zoekopdrachten, zelf-evalutieoefeningen,... eventueel aangevuld met live chatsessies) die dan live in groep samen besproken kunnen worden en waar dus sneller naar de praktijk kan overgegaan worden.
Mijn conclusie: een aanrader voor iedereen die zijn artistieke grenzen wil verleggen in een veilige, goed begeleide live en online omgeving om te werken naar een tentoonstelling.

Tot slot wil ik nog mijn medecursisten bedanken. Carine Booghs, Veroniek De Leeneer, Chris Hoerée, Lieve Kennes, Ellen Van den Brande, Michel Smekens, Rebecca Carron, Hanna Vereycken, Anne Brems. Ik hoop dat we mekaar kunnen blijven ontmoeten via het Google discussieforum en hoop jullie terug te zien tijdens de 2 e-atelier opvolgdagen die Liesbet en Petja plannen eind dit jaar.

Labels: ,

17 juni 2007

Speech van de tentoonstelling

Onlangs kreeg ik de tekst van de openingsspeech van de tentoonstelling van het e-Atelier te pakken. De speech werd gebracht door dhr. Stefaan Wouters, Ere-Directeur Academie Borsbeek.

Na een intro over het initiatief e-Atelier van Wisper en Kunstwerk(t) en het nut ervan ter aanvulling van een opleiding in het Deeltijds Kunstonderwijs besprak hij ook kort de werken van de tentoonstellende kunstenaars. Dit had hij over mijn werk te zeggen:
"Het transparante versus oppak. De uitnodiging tot meditatie versus de kriebels om te betasten. Ingesnoerd versus ruim en open. Ziedaar een aantal begrippen die deze werken oproepen. Vooral de onder leder ingesnoerde niet definieerbare vormen werken intrigerend en mysterieus."
Het was verfrissend om een visie van een voor mij onbekende expert te horen. Vooral dat aspect "ingesnoerd" had ik zelf niet zo ingeschat. Maar dit werk in leder heeft inderdaad indruk gemaakt op verschillende bezoekers. Sommige mensen kregen er een bepaald ongemakkelijk gevoel van in de buik ;-) Het is ongelooflijk wat een kick dit geeft als je boodschap zo krachtig overkomt.

Labels: ,

18 mei 2007

E-atelier: Sfeerbeelden tentoonstelling

Vorige donderdag was het zover. De vernissage van onze tentoonstelling, het eindpunt voor de deelnemers van het e-atelier 2006-2007.

Hier zie je alvast een aantal sfeerbeelden met dank aan mijn ventje, de fotograaf van de avond.

Het was een spannend event om naar toe te groeien maar alles is zeer goed verlopen. Een mooie opkomst van een 150 à 180 geïnteresseerden, een geschikte lokatie bij SD Worx, een mooie speech van Stefaan Wouters, ere-directeur van de academie van Borsbeek, 10 opgeluchte kunstenaars en 2 trotse begeleiders. Alvast bedankt allemaal voor jullie steun!

Het was een heel toffe avond waar ik toch even van moest bekomen. Ik moet eerlijk toegeven dat ik de stress van de periode ervoor had onderschat. Normaal heb ik al een stressy job en is schilderen voor mij pure ontspanning en afreageren. Die laatste weken was het echter volledig werken naar de deadline. Tot enkele dagen ervoor had ik nog werken klaar gemaakt met hangsystemen en een fotoalbum in elkaar gestoken. En dan was er nog het probleem om alles op tijd en veilig ter plaatse te krijgen. Maar ik ben wel trots op het resultaat. Mijn reeks "El toro y el asiento," ook die in leder, waren alvast werken die aanspraken. Ik weet dat ik er met Lisa's World nog niet volledig ben. Deze reeks kan nog versterkt worden maar van het verhaal erachter en het fotoalbum "Lisa's birth" was ik bijzonder tevreden.

Commentaar die ik op mijn werk kreeg: veel contrasten: transparant en pasteus, licht en donker, ingesnoerd en vrij, pastel en zwart, ver en heel dichtbij, abstract en figuratief, beweging en statisch,... Ik ben alvast benieuwd hoe de externe jury er op de academie over zal denken op de eindevaluatie op 9 juni. Duim alvast hé!

Labels: ,

23 april 2007

e-Atelier Dag 9: Atelierbezoek Vincent Geyskens

We beginnen af te tellen. Vorige zaterdag was het de voorlaatste e-Atelier dag. Die dag trokken we met de hele groep op bezoek bij Vincent Geyskens nabij het Zuidstation in Brussel. Een heel interessante ervaring. Niet alleen de lokatie, zijn werkmethode, maar zeker ook zijn visie tegenover schilderen gaf toch wel voer tot discussie. De dag zelf kon het helaas enkel bij interviewen blijven, maar wie weet kan dit verslagje een online discussie verder op gang trekken.

Een sfeerbeeld van het atelier. Die bevindt zich op de eerste verdieping van een chique Brussels herenhuis. Hij huurt er de volledige verdieping die evengoed ook als apartement kon dienen. Alle muren zijn overal neutraal wit geschilderd. De 2 voorkamers dienen als expositieruimte. Ik vermoed met de bedoeling om zijn werk voor zichtzelf te presenteren, maar evengoed ook voor bezoekers die het komen beoordelen. Door de gang kwam je in een aantal andere ruimtes met specifieke aparte functies. Een kamer met bureau specifiek voorzien voor collages. Een bureau voor ik vermoed administratie. Een ruimte die verduisterd was met vermoedelijk een functie van projectie? En de achterkamer, heel ruimt, ik schat 8X8m was zijn schildersruimte. 3 werken in progress hingen op in 1 hoek. In de tegenovergestelde hoek een afvalhoek met overschotjes of mislukkingen. Het geheel gaf blijk van een zeer systematisch, gestructureerd, planmatige persoon.

Dit kwam inderdaad ook in het interview sterk tot uiting. Een aantal van zijn visies:
  • Zijn verhaal gaat vooral over de menselijke figuur en de positie die je daartegenover in kan/wil nemen op perspecivistisch vlak en de impact dat dit heeft voor het gevoel van macht. Vanuit dit onderwerp vertrekt hij voor uitwerking vaak van pornobladen. Niet vanuit het inhoudelijk onderwerp sex, wel omdat in die beelden heel duidelijk die "machtspositie" van de kijker tegenover het subject/onderwerp naar voor komt. Die positie, die blik wil hij ook afdwingen van de toeschouwer. Ook door de manier van tentoonstellen. In die zin zijn zijn exposities bijna didactisch uitgedacht en opgesteld.
  • Dit verhaal brengt hij in vorm via schilderijen. Dit in de eerste plaats. Hierin is hij niet op zoek naar zijn eigen stijl. Integendeel. Hij zoekt in de vormgeving van zijn onderwerp steeds naar nieuwe oplossingen voor problemen. In het kader van de schilderkunst is hij dan ook steeds op zoek om die grenzen te verleggen zodat hij eigenlijk geen verschil ondervindt tussen figuratief (vb. van een menselijke figuur) en abstract (vb. van een zodanig ingezoomd stukje van die figuur).
  • Hij gaf mij sterk de indruk van associatief, experimenteel te werken. Een onderwerp te kiezen en uit te puren zowel inhoudelijk als vormelijk (zoals het op zoek gaan naar beenhouwers roze van een huidstint). Om dan los te komen van die bepaalde richting schakelt hij van medium over van schilderen naar collage. Hij verknipt, verscheurt en breekt zijn beeld af tot hij op een nieuw spoor belandt die hij dan terug uitpuurt. Hij vertrekt zowel van collages om schilderijen te maken, maar eigenlijk zijn die helemaal geen voorstudie in het proces. Hij zijn werken die een nieuwe entiteiten vormen. Het kan evengoed dat hij vanuit zijn schilderijen collages maakt.
  • In ieder werk gaat hij voor de totale catastrofe. Hij zit helemaal niet in over mooie beelden maken, integendeel. Hij wilt het liefst de grenzen van de lelijkheid, de "mottigheid" aftasten om nieuwe inzichten te verwerven. Dit is volgens hem de enige mogelijkheid om die grenzen te verleggen. Een mooi beeld maakt het voor hem snel hol.
  • Hij werkt heel regelmatig en gedisciplineerd. Hij schildert 3 dagen per week en in zijn olieverf werken is dat ook zo opgedeeld: dag 1 het werk opzetten, dag 2 het grotendeels afwerken, dag 3 de finishing touch. Ook op mindere dagen gaat hij naar het atelier om te schilderen en in het creatief proces te blijven. Op de andere dagen geeft hij les aan 2 verschillende scholen. Hij blijft dit doen om ook een stuk financiële onafhankelijkheid te hebben in onderhandelingen met galerijen. Daarnaast biedt het een mooie gelegenheid om in confrontatie te blijven met mensen die niet hoofdzakelijk met kunst te maken hebben en die impulsen neemt hij ook mee in zijn werk.
  • Hij houdt er een heel beperkte groep op na die hem feedback geven op zijn werk. Mensen die met zijn oeuvre meegegroeid zijn.
  • Heeft hij ooit getwijfeld aan zichzelf? Nooit. Hij heeft altijd geweten, er altijd in geloofd dat hij er ging komen. En hij is van de ene opportuniteit in de andere gerold, zonder genetwerk. Hij raadt dit ook sterk af. Je werk opbouwen vraagt tijd. Geef jezelf die tijd en de rest komt vanzelf. Wat hij in zijn carrière wel als belangrijke acht om serieus genomen te worden, is het uitgeven van een boek. Niet direct om er winst op te maken, maar eerder als statussymbool. De waarde van zijn werk worden mede en vooral ook bepaald door zijn boeken, zijn tentoonstelling in New York en een artikel in De Morgen. Hij waarschuwde echter ook voor het vragen van al te hoge prijzen voor schilderijen. Een kunstenaarscarrière wordt ook steeds korter. Vaak zie je dat Belgische kunstenaars de Belgische ladder beklimmen en in het SMAK aan hun toppunt zitten. Als je op dat punt niet internationaal klaar staat, is het vaak gedaan. Hij ervaart de kunstwereld ook als heel trendgevoelig. De kunstenaars volgen mekaar heel snel op in een Belgische markt van een 2000-tal kunstliefhebbers in overdrive, mede ook opgedreven door het systeem van subsidies.
  • Hoe staat hij tegenover zijn medium verf? Olieverf, daar heeft hij heel bewust voor gekozen. Dit ziet hij als de enige ware schilderkunst. De vorm die al eeuwen heeft standgehouden. Hij wil ook zijn eigen kennis en kunde hierbij confronteren. Bewust niet kiezen voor de "modernere" technieken zoals fotografie, film, zelfs acrylverf die hij eerder beschouwt als wanhoop om de confrontatie met de geschiedenis te ontlopen, een soort escapisme. Hij wil die door zijn "traditionele" definitie, zijn duidelijk omlijnde spelregels van schilderkunst net aangaan.
  • En dan de hamvraag: wat is de rol van internet in zijn werk ;-) Na toch een hele tijd lang denken bleek dat hij het medium zeker niet gebruikt voor het beeld zelf. De kwaliteit van internetafbeeldingen bieden hem te weinig informatie om daar een werk op te kunnen baseren. Waarvoor hij het wel gebruikt is om te toetsen hoe de maatschappij een bepaald beeld interpreteert. Met welke beelden worden woorden geassocieerd? Daar neemt hij dan een bewuste positie, vaak tegengesteld, tegenover.
Een man met visie dus. Die heel bewust en systematisch keuzes maakt zowel inhoudelijk als vormelijk. Ook iemand die heel duidelijk zijn grenzen bepaalt. Zeker op inhoudelijk methodisch vlak voelde ik raakpunten met mijn eigen werk. Ik zie ook soms totaal verschillende stijlen opduiken in mijn werk. Soms pasteus, soms heel gevoelig en transparant, soms heel donker, soms pastel en licht. Alles wordt gevonden op het moment dat je het nodig hebt. Geen echte tricks om bepaalde effecten te krijgen. Steeds opnieuw die grens verleggen om uit te beelden wat je voelt en wilt zeggen. Vanuit deze ingesteldheid zou ik dan ook verwachten dat hij op materieel vlak die grenzen te buiten gaat door te werken met nieuwe soorten verf zoals acryl en mediums. Maar daar neemt hij een zeer traditioneel standpunt. "Alles is al uitgevonden op dat vlak. Niets kan die grens nog verleggen. Er zal geen baanbrekende ontdekking meer gebeuren op vlak van verf." Zelfs mijn kritisch, retorische vraag "is dit zo" bracht hem niet van de wijs ;-) Ik vind het een moedige keuze, maar ik ga er absoluut niet mee akkoord. Steeds opnieuw verwondert het me hoe héél inventieve kunstenaars toch zo dicht bij die "stiel" blijven van olie, de borstel en het canvas. Terwijl er dagelijks nieuwe materialen worden uitgevonden. Ook op de Academie ondervind ik ditzelfde fenomeen, zonder verwijt. Daar gebruiken ze gewoon geen internet in de schildersklas. En ik heb nog geen van de leraren ontmoet die me echt wegwijs kunnen maken in de "wondere wereld" van de acryl ;-) Op dat vlak is het dus zelf zoeken en uitproberen. In die zin is het voor mij een even duidelijke keuze. Hoewel ik enkele keren met olieverf heb gewerkt was het voor mij direct heel duidelijk. Acryl associeer ik met de nieuwe wereld, een synthetische, industriële wereld waar de mens continu verdere grenzen kan verleggen en dus per definitie een nieuw soort schilderen met zich meebrengt. Het is ook een totaal andere techniek. Het is quasi onmogelijk om olieverftechnieken met acryl na te bootsen. Hoewel er nu al heel wat "retarder" producten bestaan, het is niet hetzelfde. En waarom zou je met zo'n nieuwe materie aan de oude techniek vasthouden. Zoals ik zei, acryl betekent een nieuwe definitie van schilderen, een stap verder dan de "klassieke" meesters.

En dan het gebruik van internet. Toch bizar dat mensen van mijn generatie dit toch nog niet als echte tool gebruiken. Enkel om wat informatie te winnen, maar echt als tool om te schilderen. Schilderen is voor mij een manier van een beeld zelf te kunnen creëren. Is dit nu met een borstel, een lepel of een muis met pc. Het is schilderen. Je kan evengoed schilderen met pastelkrijt en medium als met een bionische arm. Schilderen is voor mij niet een canvas, borstel en olieverf, maar een state of mind, een methode om een beeld te creëren met pigment op een drager, en dat vanuit je eigen persoonlijkheid. Ik stel me zelfs de vraag of het wel 2D moet. Je kan evengoed een schilderwerk maken op een 3D vorm. Waarom zou dat niet meer schilderkunst zijn? Stel je voor wat een grenzen er nog te verleggen vallen binnen de schilderkunst. Al die maatschappelijke vernieuwingen die ons, zowel inhoudelijk als technisch, te wachten staat. En je kan deze evolutie afweren door een duidelijke afbakening, tot hier ga ik mee en daarna stopt het, of eerder omarmen. Is dit dan een vlucht in een "per definitie kunst want het is grensverleggend"? Volgens mij niet. Het vergt heel wat nieuwe competenties, skills en moed om die nieuwe evoluties te kunnen integreren en vertalen naar die beeldtaal die we allemaal op een eigen manier interpreteren.

Je merkt het, op bepaalde (filosofische) punten had ik nog uren door kunnen discussiëren met Vincent Geyskens, maar helaas zat zijn schaarse dure tijd erop ;-) Hij heeft me duidelijk op een denkspoor gebracht om verder bewuste keuzes te maken in mijn werk en deze ook zo duidelijk, bijna didactisch verantwoord te kunnen formuleren. Een zeer geslaagd bezoek dus waarvoor ik hem ook via deze weg nog eens expliciet wil bedanken. En natuurlijk kijk ik uit naar zijn en jullie mening over deze uitgesproken standpunten via onderstaande commentaren.

PS. Tijdens de treinrit met een aantal collega-schilders hebben we de discussie nog een stuk verder gezet. Is een kunstschilder in Second Life een echte kunstschilder? Maakt hij kunst omdat het per definitie nieuw is? Of is het geen schilderkunst omdat hij geen borstel en canvas gebruikt? ;-) Just teasing ;-)

Labels: , ,

08 april 2007

e-Aterlier-dag 8: Tentoonstellingen: "Kijk op Europa" en "Visit(e)"

Gisteren zijn we met het e-Atelier van Wisper naar Brussel afgezakt voor 2 tentoonstellingen:
Voor de tentoonstelling in Bozar kregen we een inleiding van één van de begeleidsters Petja die de Duitse schilderkunst in historisch perspectief schetste. Blijkbaar waren de Duitsers in de 19de eeuw niet echt trendsetters op vlak van schilderkunst, in tegenstelling tot hun literaire en filosofische invloeden. Ze waren in die tijd zelfs niet echt verenigd als land maar waren verspreid over verschillende gebieden in Pruisen, Roemenië, Hongarije,... Er was dus ook niet echt van een eenheid te spreken. Duitsers waren en zijn nog altijd het volk van de gruntlichkeit en de Academies waren dan ook heel sterk gebonden door regels. Ofwel schilderde je volgens hun regels ofwel speelde je gewoon niet mee en kwam je nooit in tentoonstellingen of Salons terecht. Het was dus eerder conventioneel te noemen. Sommige kunststudenten reisden wel. En hun reizen gingen dan vooral uit naar hét land van de kunst nl. Italië. Het is pas op het einde van de 19de eeuw dat ook de Avant-Garde richting kwam opduiken en zich verenigde in de Blauwe Reiter. Toch wel een interessante achtergrond om mee te starten.

Daarna liepen we allemaal als marsmannetjes door de zalen van Bozar. Af en toe opgeschrikt door het alarm die afging van zodra je te dicht met je neus de schilderijen analyseerde. (typisch Belgisch dat alarm, die museum-opzichters sprintten van het ene schilderij naar het andere om mensen erop te wijzen, maar het alarm was hun voor ;-)

De tentoonstelling was zeker de moeite. We reisden door heel Europa door een 19de eeuwse bril. Van de classisistisch geïnspireerde Grieken, de typische genre schilderijen in Nederland, het Alhambra en de Moren in Spanje, de historische invloed van België, de gentlemen impact van de Engelsen, allemaal kwamen ze aan bod. En het schilderij van Heinrike Dannecker van Christian Gottlieb Schick uit 1802 zei ons in de ingang Hello en Goodby.

Een mooie expositie. Zeker de moeite waard om te zien. En zeker ook didactisch in elkaar gestoken. Maar de geschiedenis heeft een zeer goeie selectie gemaakt: Casper David Friedrich en Arnold Böcklin staken er met kop en schouders bovenuit.

Na de middag had de geschiedenis nog geen tijd gehad om zijn selectie te maken. Allemaal pril Duits werk in de tentoonstelling "Visit(e)" die refereert naar wij die de tentoonstelling bezoeken en de werken die bij ons in België op visite zijn. Tekst en uitleg kwam van een gids van het museum zelf en was echt héél helder en boeiend (bedankt aan de gids wiens naam ik vergeten ben!). Dit was meer een expo naar mijn tand. Je zag er werken van zowel schilders, fotografen, installatiekunstenaars,... Enige gemeenschappelijk iets was dat ze in Duitsland geboren waren of al enkele jaren leefden. Met klinkende namen als Rebecca Horn, Gerhard Richter, tuurlijk ook Joseph Beys als cultvader van de Duitse kunstscene van na de jaren 1900. Maar ook minder klinkende namen als Jonathan Meesen, Wolfgang Tillemans,... teveel om op te noemen.

Een aantal spraken mij echter onmiddellijk aan. Daniel Richter (let op niet Gerhard maar Daniel) viel mij direct op. Onze gids lichte het werk (zie foto hiernaast) toe met de opmerking dat kinderen die zelfs niets van schilderkunst afweten dit als echt aantrekkelijk ervaren. Ik vond dit ook. Niet alleen het beeld op zich, maar wat me vooral fascineerde was zijn techniek. Soms pasteus, soms heel transparant, soms zeer glanzend. Heel boeiend om naar te kijken. Ik denk dat je hier niet rap op uitgekeken bent. Zeker iets om te onthouden. Wat me wel opviel na een snelle blik op zijn ander werk via internet dat het niet allemaal zo lief en roze is ;-)

Daarnaast vond ik het werk van Jonathan Meesen ook echt opvallend. Zo groot van formaat (230 cm op 640 cm) en hard en agressief van techniek en kleur. Als je wat dichter naar zijn werk kijkt zie je zo hoe hij zich heeft uitgeleefd op het doek. Ik heb dit proberen fotograferen. Zalig. Als het al bestond in de schilderkunst dan was hij de punker bij uitstek.

Een laatste kunstenaar verdiende van mij ook wat extra aandacht. De videokunstenaar Daniel Pflumm. 4 DVD's werden naast elkaar getoond met flashy, reclame-achtige korte clips die steeds werden herhaald. Ik vond het zeker iets hebben.

Ik zou hier nog uren kunnen doorgaan en nog heel veel werken beschrijven. Het was dan ook een prachtige ervaring om de hedendaagse kijk van Duitsland te zien op de maatschappij, de identiteit en de ruimte. Ik raad je echter eens aan om er zelf eens in rond te dwalen. Of leen gerust eens de catalogus die ik er gekocht heb.

Labels: , , ,

05 april 2007

Uitnodiging: Groepstentoonstelling e-Atelier op 10 mei


Vernissage op donderdagavond 10 mei om 19.30 uur.
Inleiding door dhr. Stefaan Wouters, Ere-Directeur Academie Borsbeek.

Noteer alvast in je agenda. Jullie zijn van harte welkom om onze "second life" in real life te komen bekijken!!
Geef misschien een seintje vooraf. We kunnen samenrijden.
Kan je niet de 10de en wil je toch wat uitleg? Geef een seintje en we gaan er samen naartoe op één van de andere dagen.

PS. Volg gerust de laatste loodjes voor de tentoonstelling op deze blog. Het wordt nog hard knokken om alles op tijd klaar te krijgen ;-)

Labels: ,

02 april 2007

e-Atelier-dag 7: een dagje doorschilderen

Een dikke week geleden zijn we voor de 7de keer samengekomen met de e-ateliergroep.
Het was een dag van hard doorwerken. Onze deadline komt razendsnel dichterbij en we konden allemaal dat dagje gebruiken om het werk waar we mee bezig zijn verder uit te werken.

Ik heb de voormiddag genomen om mijn de 2 werken die ik had meegenomen eens grondig te evalueren en eerst keuzes te maken. Van die nieuwe ruimte heb ik besloten om te laten zoals die is. Het voelt voor mij sterk genoeg aan zoals die is. Ik heb alle schilderselementen overlopen en geen enkele kon ik toevoegen dat een grotere meerwaarde zou geven.

Op Lisa's new world heb ik een hele tijd langer gezocht. Daar had ik het gevoel dat het er nog niet volledig was. Het kon nog sterker. Opnieuw heb ik hiervoor alles overlopen. Het boekje "Hardop kijken" van Ad De Visser is hierbij mij gids. Materiaal, formaat, compositie, ruimte, schriftuur en factuur, kleur, licht, vorm, standpunt, functie, alles is de revue gepasseerd. En na een compositieschets ik kwam tot besluit dat ik graduele ordonnantie wou toepassen maar de toeschouwer geen doel gaf om naar te kijken. Er was meer begeleiding nodig en een duidelijk "eindpunt." Ook zou ik door contrapuntische ordonnantie nog een grotere diepte kunnen bereiken. Hier heb ik dan volop rond geëxperimenteerd door knipsels in verschillende kleuren op het werk te leggen en te zien hoe het reageerde. Een techniek die Matisse ook vaak gebruikte. Hieronder wat sfeerbeeldjes van de oefening.

Na de middag heb ik dan een volgende laag aangebracht op het werk. Van het werken in groep had ik geen enkel last. Dat ben ik gewoon op de academie. Waar het wel moeilijker mee ging was met het leggen van lagen. Ik ben nu gewoon om iedere avond een laag te leggen en het op deze manier te laten groeien. Om een dag te kunnen doorwerken heb ik dus eigenlijk 2 à 3 werken nodig en dat had ik daar niet bij. Op de academie ben ik ook gewoon om die "wachtmomenten" op te vullen met experimenten. Daar miste ik dus mijn potten en producten om te kunnen uitproberen. Maar al bij al heb ik het werk nog een stap verder gebracht. Nu denk ik dat het nog 1 pasteuze afwerkingslaag nodig heeft op bepaalde delen. En dan zou ik het graag nog afwerken met hoogglansvernis die het een "nat" effect moet geven.

Welke toevoeging werkt voor jou het best?



Volgende zaterdag gaan we een aantal tentoonstellingen bezoeken in Brussel:
  1. Kijk op Europa: Europa en de Duitse schilderkunst in de 19de eeuw, in de Bozar met commentaar van één van onze coaches.
  2. Visit(e) Hedendaagse kunst uit Duitsland in het Cultuurcentrum ING met gids.
Verslag volgt!

Labels: ,

06 maart 2007

e-Atelier-dag 6: filters in je werk

Vorige zaterdag waren we weer paraat in Leuven voor de 6de dag van het e-Atelier. Nu begint het razend snel te gaan. We zijn over de helft heen. Ons project moet min of meer vorm beginnen krijgen. Met deze boodschap zijn we de dag gestart. Ik voel me nog niet klaar om te kiezen maar deze week moet het gebeuren. Gedaan met zoeken en experimenteren. De speeltijd is gedaan. Over op productie en op naar het hoogtepunt. Slik... Over dat laatste vertel ik later nog meer.

Onmiddellijk na dat besef zijn we erin gevlogen met een opdracht. In je werk kan je filters toepassen. Een inhoudelijke filter die je onderwerp een betekenis geeft of ontneemt. Maar het kan ook een schilderkundige filter zijn door vb. monochroom te werken of een bepaalde verftechniek of structuur toe te passen.

Voor de eerste praktische oefening gingen we op pad met digitaal fototoestel in het atelier. De oefening was 2-voudig: zet een filter op een menselijke figuur en zet een filter op een abstract vlak. Hier kwamen alvast verrassende beelden uit.

Na een korte nabespreking brachten we de theorie in de verfpraktijk. Je kon kiezen uit ofwel een filter toepassen op de menselijke figuur. Daar vertrok je van je eigen contourlijnen uit te schilderen op een spiegel en er enkele monotypes van af te drukken. Die kon je dan bewerken met een of meerdere filters.

Ik koos echter de tweede optie: vertrek van een abstract vlak en pas er filters op toe. Na wat twijfel over de kleur vertrok ik van een koud zwart vlak (oxydezwart met wat ultramarijn in). Hier heb ik dan verschillende associaties op gemaakt.
  • Voor een aantal vertrok ik van een afbeelding uit een krant en schilderde het gedeelte die uit het beeld viel.
  • Een andere beplakte ik met WC-papier en werkte met de oppervlaktestructuur.
  • In 2 ander experimenteerde ik met de techniek van glanzende en matte vlakken.
  • Voor de laatste vertrok ik van een staafdiagram uit de krant die ik dan liet opgaan in een meer organisch zwart/wit grasveld
Iets waarin ik me volledig in liet gaan. Van het resultaat trok ik me niets aan. Ik had ook geen doel op zich maar liet me leiden door impulsieve keuzes van het moment en toevalligheden zoals foto's die in een krant stonden. Heel tof allemaal.

Na de middag kwam de klassieke bespreking van het huiswerk aan bod. Daar kom ik later op terug.

Labels:

12 februari 2007

e-Atelier-dag 5: bespreking huiswerken

Na de middag hebben we alle huiswerken uitgestald en daar was de opdracht: formuleer een vraag en een opdracht bij iedereen. Een vraag rond waarom dit of dat schilderkundig element en een opdracht om het werk op een volgend niveau te krijgen. Neem dan het blad bij jouw werk en selecteer een opdracht. Vragen die bij mijn werken werden gesteld waren:
  • Waarom de combinatie van de figuur en de abstractie? Kies een richting, puur het uit tot abstractie. (Waarom? Moest ik het weten zou ik er niet zo mee worstelen. Het zal iets onderbewust zijn die ik stap voor stap moet ontdekken. Ik kan alleen maar zeggen dat ik deze beelden soms in kranten tegenkom en die meteen wil koesteren. Soms zijn het menselijke figuren, soms ruimtes zonder figuren. Abstractie is niet echt mijn ding. Eigenlijk zijn mijn ruimtes helemaal niet abstract. Ze zijn heel concreet voor mij, maar absoluut niet realistisch. Dat maakt het zo moeilijk om het te vatten en weer te geven).
  • Is de "ruimte" een verdergaan van de ogen? Leg een volledige, hele lichte wassing vooraleer je aan een ruimte begint. (Goeie tip, dat vergeet ik soms. De onderlaag kan door de bovenlagen heen schijnen en de uitstraling versterken.)
  • Zijn dit studies om later een schilderij van te maken? Experimenteer verder in de "stier" kleuren. (Het zijn inderdaad studies en ik kan die kleurcombinatie zeker eens proberen in mijn ruimtes).
  • Is het "ruimtelijke" een vertrekpunt van je werk? De kleurexpressie is zeer sterk in het gezicht, vertaal dit op de andere "ruimtelijke" werken. (Die ruimtes wil ik creëren, maar dat is niet altijd mijn vertrekpunt. Soms zit ik daarin geblokkeerd en vertrek ik vanuit een totaal ander onderwerp om weer los te komen. Het lijkt wel gymnastiek. Ik raak in de knoop en masseer nog wat andere spieren om toch die sprong te kunnen maken. Ik zal die monotone kleurencombinaties eens in de ruimtes steken).
  • Schitterende rode tekening. Een wereldbeeld. Meer van dat. Gebruik de sterkte van je compositie en kunde ten dienste van je boodschap. (Interessant inzicht. De ruimtes en de figuratieve werken had ik niet met elkaar verbonden als 1 wereldbeeld. De een lijkt naar de ander te kijken, zonder het te kunnen bereiken.)
  • Kan je de figuren in je ruimtes plaatsen? Integreer de 2 polen. (Nee, ik kan de technieken wel wijzigen met de onderwerpen, maar ik kan de figuur niet in de ruimtes plaatsen. Dit haalt de boodschap van de ruimte, de rust, leegte, eenvoud, solitaire, volledig onderuit. Het is een geborgen ruimte waar je naartoe wilt, waar je misschien kan instappen, maar je zal er alleen zijn, geen mensen om je heen. Misschien zijn ze er wel, maar je kan ze niet zien.)
  • Kan je een ruimte zo explosief schilderen met rode, roze en zwarte kleuren tot een ruimte die geen rust oproept maar het gevoel van de stier? (Dit moet te doen zijn met wat oefening. Mijn bedoeling is wel rust te krijgen in die ruimte, maar dat kan ik door van kleurenpallet te veranderen. De schildertechniek zal voldoende verandering brengen om er toch een totaal andere uitstraling aan te geven.)
  • Waarom die figuur met open mond? Wat is het verband met de ruimte-tekeningen? Vertrek van het figuratieve en druk zo (nog) meer emotie uit. (De figuur met open mond was een zingende knaap in een koor. Wat is het verband met de ruimtes? Geen idee. Het beeld sprak me aan. De vorm van het gezicht, de expressie. Een zingende knaap in andere kleuren en zonder geluid maakt het opeens iets onherkenbaar. Ik vond het een knap idee. Niets met de ruimtes te maken. Tof idee om verder in de figuratieve richting te gaan en inderdaad die emotie er meer te laten uitkomen.)

Heel bizar hoe ikzelf ruimtes wil schilderen in een appolinische stijl, maar anderen steeds de figuratieve werken krachtiger vind. Zelf vind ik die soms te gewoon. Een portret van een kwaaie kerel. Ikzelf ben verliefd geworden op het uiteindelijk beeld, maar voor mij is het niet sterk genoeg om het aan anderen te tonen. Wat is de boodschap? Hij lijkt kwaad, vraagt je aandacht en kolossaal en dat zie je in de schildertechniek, de kleur, het formaat, de compositie. Wie wilt nu een kwaaie kerel in zijn living? Dit is voor mij niet voldoende. Maar ik begrijp wat ze bedoelen. In die onderwerpen toon ik meer durf, lef en die kracht spreekt aan. Dus, mijn opdracht tegen de volgende keer: schilder eens een ruimte met diezelfde kracht, ongeremdheid, explosie in kleurgebruik. Misschien is dit het inderdaad wel. Niet de Panton chair kopiëren, maar ze emotie geven. Een stoel die fierheid of kwaadheid uitstraalt of in die cleane ruimtes emotie zoals geborgenheid, rust, sereniteit in confrontatie met ongeduld, durf leggen. Of een confrontatie tussen de gedurfde stijl met rustig kleurenpallet. Aan nieuwe inspiratie geen tekort. We vliegen er morgen weer in.

Labels:

e-Atelier-dag 5: praktische oefening: interne en externe drijfveren

Gisteren was het de 5de bijeenkomst van het e-Atelier van Wisper. Fris en monter opgestaan want deze keer ben ik met de trein naar Leuven gereisd. Toch zalig die trein. Onderweg heb ik nog een schets gemaakt en voor ik het wist was het een uur later.

De morgen begon alvast intensief. Na wat praktische afspraken zijn we er meteen ingevlogen met een schildersopdracht rond interne en externe drijfveren van de kunstenaar. Waarom schilderen we? Wat zet je in gang? Om dat te onderzoeken zijn we vertrokken van 2 foto's van mensen. Je kon een foto kiezen en één tot drie van de opdrachten hierbij uitwerken:

  1. maak een doordachte compositie
  2. verknip, hermonteer, overschilder naar keuze
  3. zoek naar de "juiste" kleuren
  4. zet de figuur in een licht-sfeer (clair-obscuur of mistig)
  5. zet de figuur om in een schriftuur schilderij, abstract of figuratief
  6. zet de figuur in een omgeving
  7. styleer de menselijke vorm, maak het licht abstract
  8. abstraheer zo ver mogelijk
  9. geef de figuur attributen die meer betekenissen geven vb. sigaret, kaars,..., geef het op die manier meer verhaal

Zonder lang wikken en wegen koos ik voor opdracht 2 en 5. Niet beide opdrachten in 1 werk, maar 2 werken met verschillende focus. De man deed me direct denken aan een schilderij van Cecily Brown, Performance, 1999, oil on canvas, 254 X 274,5 cm. Dus koos ik voor een koel blauw contrastrijk kleurenpallet. En we vlogen erin. We kregen rustig de tijd. Voor ik het wist was het een uur later en had ik de volgende 2 werken gemaakt.

De opdracht ging verder. We werden ingedeeld in duo's en we kregen om de beurt de rol van coach. De bedoeling was gerichte feedback te geven op de volgende vragen:

  • welke schilderkundige middelen werden gebruikt?
  • hoe kwam het beeld over?
  • wat trekt je erin aan?
  • wat begrijp je niet?
  • formuleer een opdracht om de collega een niveau verder te brengen.

De feedback die ik van Michel kreeg was heel positief. Dat kan natuurlijk vooral aan het eeuwig optimisme van Michel liggen ;-) Maar dat werkt altijd motiverend. Het beeld van de vrouw vond hij compositorisch heel sterk met de vlakken en de lijnen en het monochome eraan vond hij ook ok. Hij gaf de tip eraf te blijven. Mijn "stoere kerel" daarentegen kon nog wat extra gebruiken. Hij kwam door zijn formaat en uitsnijding heel kolossaal over. Maar de zeer centrale compositie kon nog wat intensiever. Hij gaf de tip een grafisch element aan toe te voegen. Daarnaast leek zijn hoofd anatomisch nogal kinderlijk op het stoere lichaam.

Het werk van Michel was zeer lineair. Dat had hij duidelijk als favoriet schilderkundig element uitgekozen en het is ook zijn unieke kwaliteit in het tekenen van menselijke figuren. Dit had hij gecombineerd met de hermonteer-techniek. Hij had het beeld van de vrouw verkleefd en verder aangevuld met 2 andere menselijke figuren in roze en paars. Wat mij er enorm in aantrok was de sterke lijnvoering in zijn menselijke gelaten. Het beeld kwam me over als een realistische zwart/wit vrouw met haar roze en paarse alter ego's die vreemd van vorm maar toch een zachte uitstraling hadden. Het hele werk kwam me over als "me-myself-and-I". Ik miste als toeschouwer echter het "verband" tussen de 3 figuren. Dit maakte het nog 3 aparte personen. Ik gaf hem de tip om de compositie bewuster te maken. Hij had nu de ene figuur verder aangevuld tot het einde van het blad in de 2 richtingen en net tot de voeten er nog op konden. Dit gaf een wat benepen gevoel. De focus op de lijnvoering in de gezichten zouden volgens mij het werk versterken. En daarnaast zou de "link" tussen de figuren het wat extra betekenis kunnen geven.

En we gingen weer aan het werk. Nog een half uur kregen we de tijd om de feedback te verwerken. Ik ging vooral aan de slag met de kerel. De monochrome, grove schildertechniek verder uitwerken en zoeken op de tip van Michel. Ik heb geprobeerd om er een grafisch element aan toe te voegen, maar dat lukte niet echt. Het kwam te lineair over tegenover de diffuse grove schriftuur schilderstijl die ik gekozen had. Ik heb dan besloten om dat kolossale in de man meer te benadrukken door de achtergrond vlakker, monotoner te maken en dat werkte. Het expressieve van de man sprong op slag nog meer uit het beeld en straalde nog meer kwaadheid uit. Toch bizar hoe kwaadheid ook met blauwe tinten kan uitgedrukt worden gewoon door de expressie en de schildertechniek. Wat jammer dat de tijd om was. Ik zat heel diep in mijn flow en moet toegeven dat het lang geleden was dat ik zoveel plezier in het proces heb gehad. Het is zeker geen Cecily Brown geworden, maar dat was ook niet mijn bedoeling. Ze heeft me wel in gang gezet om "buiten" de lijntjes en vlakjes te durven kleuren.

Het werk van Michel werd ook veel krachtiger. Hij had een heel stuk weggeknipt en de focus op de torso's gelegd. De figuren heeft hij verbonden door een zwarte horizontale balk over de figuren heen te trekken die ze meteen ook "onderlijnde." In de balk stond een volgnummer van een gevangene zodat het hele werk opeens een heel verhaal uitstraalde.

En de opdracht ging verder. Kies nu ook 1 van de opdrachten waarmee we deze morgen zijn gestart, die je het minst ligt. Ik koos direct voor "abstraheer zo ver mogelijk." Ik vind het boeiend hoe mensen dit kunnen doen, maar zelf vind ik er niets aan. Ik wil op één of andere manier toch een boodschap overbrengen. Het is meer dan het maken van een mooi plaatje voor mij. Ook al is het verhaal niet altijd even evident, ook niet voor mezelf, maar het is er wel.

Hier hebben we in groep de analyse nog wat verder door getrokken. Liesbet, onze coach, gaf ons de volgende redenering:

Iedere kunstenaar vertrekt uiteindelijk van een passie, een innerlijke drang, een verslaving. Maar het is zeer moeilijk om voor jezelf uit te leggen waaruit dat precies komt. Wat is je taal? Wat is voor jezelf een goed werk? Om dat beter te kunnen begrijpen en bijsturen kunnen we teruggrijpen naar "wat zet je in gang in de wereld?" Zijn het kleuren, gebeurtenissen, vormen,... Wat kan je triggeren als je op straat loopt? En we mochten de test doen: een lijstje met 27 voorbeelden scoren in hoeverre die jou wel of niet in gang zetten:

+ beelden van kunst in boeken, tentoonstellingen
+/- concrete dagelijkse waarnemingen van...
- tekst, verhaal, gedicht
- een gebeurtenis, iets wat je meemaakt
++ een situatie in de maatschappij, politiek, wereld
++ een kleur(combinatie)
+/- een muziekstuk
+ een materiaal, gereedschap
- een gevonden voorwerp
- een gesprek
+ een film
+/- een lijnenspel in de natuur
+ een toevallige compositie die je tegenkomt in je waarneembare omgeving
- een structuur in de natuur
++ architectuur
+ een persoon die je kent
+/- de oppervlaktestructuur, de huid van iets
- een persoon (personen) die je niet kent
+/- een beweging
+ een lichtbron, een beeld met een specifieke belichting (mistig, scherp licht-donker, tegenlicht,...)
+ een patroon
++ een extra moeilijke waarneming (perspectivistische verkorting, beeld met veel plans, moeilijk te tekenen vormen)
+ een gemoedsgesteldheid
+ een proper atelier
- een chaos in het atelier
- een opdracht, een vraag van een opdrachtgever of vriend, kennis

Ik heb de oefening eerst voor mezelf gedaan zonder de vragenlijst. Als ik mijn map overloop met foto's en beelden die me aanspreken kwam ik tot de volgende elementen:
kleurcombinaties, vorm, compositie, materiaal, structuur, perspectief, interieurs, architectuur, sfeer, ruimtelijkheid, organische vormen dus heel wat visuele prikkels van een ruimte waar je je goed voelt. Ik kan ongelooflijk genieten van de ruimte waarin ik leef. Dat heeft een grote impact op mijn gevoel. Ik heb ruimte nodig, mentaal, fysiek, psychologisch, sociaal. Ik kan me ook heel gemakkelijk "uit de realiteit zetten" en ernaar kijken, de wereld observeren. Vandaar die andere kant: ook ideeën en concepten kunnen me raken zoals internet, de digitale kloof, wat doet dat met ons, hoe verandert dat onze wereld, nu en in de toekomst.

Ik kreeg de tip om verder na te denken over wat ik met die ruimtes wil zeggen. Ik ken de schilderkundige elementen zeer goed en weet ze ook goed te gebruiken. Toch ben ik niet tevreden met de ruimtes die ik schilder. Ze missen iets. Ze missen een bepaalde uitstraling, een boodschap, een ziel? Wat missen ze? Waarom vinden anderen het niet aantrekkelijk genoeg om erin te stappen? Net omdat er geen mensen in zitten? Omdat het te futuristisch is? Omdat het helemaal geen herkenbare wereld uitstraalt. Ik weet ze perfect te vinden, te kiezen, nu al te creëren (met de maquette techniek en met houtskool). Het probleem zit niet daar. Het zit in het combineren van de schilderkundige elementen om daar een krachtig beeld uit te krijgen die een aantrekking uitstraalt. Wat zou het aantrekkelijker maken? Het formaat, de kleuren, de structuur, de compositie? Een beeld die de kracht uitstraalt die ik wil. Nu voel ik er steeds die aarzeling uit komen. Die ik-durf-me-niet-volledig-laten-gaan-houding. Zo voel ik me ook als ik dit schilder. En dat heb ik niet met die stoere bink die ik geschilderd heb. Daar heb ik een gezonde je-m'en-fous-houding die mijn remmingen doet vergeten. En dan voel ik me volledig in die wereld ingaan. Geen twijfel, gewoon doen. Wonder boven wonder komt daar dan iets uit dat werkt ook al is het nog niet af, of is het niet perfect. Die houding, die emotionele toestand zou ik willen gebruiken in mijn ruimtes. Eén van mijn leraars in de academie zei op een evaluatie vorig jaar, het mist ballen, het mist substantie. Werk aan de winkel!

Na een halve dag hadden we meteen een hele reeks nieuwe impulsen en een nieuw huiswerk op zak.

Labels: ,

26 januari 2007

e-atelier dag 4: bespreking

Na de praktische oefening 's morgens hebben we in de namiddag vooral elkaar's huiswerk weer besproken. De opdracht bestond uit verschillende delen met de bedoeling om elkaars werk ook kritischer maar constructief te leren beschrijven:
  • kies het werk van 1 collega
  • observeer het, lees het, leg uit hoe je het ervaart
  • bespreek dit met deze collega
  • de hele groep gaf daarna één voor één commentaar op het getoonde werk

Bij het werk van één van mijn collega's viel bij haar steeds die pure, naïve, eerlijke stijl op die je meteen aangrijpt. Ze schildert vanuit wat er in haar opkomt en ik interpreteer het vooral als beelden uit haar onbewuste, uit haar dromen. Het geeft een surrealistische uitstraling door de symbolische vormen maar heeft een dreigend, nachtmerry-achtig kantje door het weerkerend gebruik van de kleur zwart. Het doet me denken aan de stijl van Frida Kahlo die ik heel sterk apprecieer.

Over mijn stier en stoel kwam een beetje dezelfde feedback dan wat ik enkele dagen ervoor uit mijn evaluatie van de academie heb gehoord: heel krachtig. Het druipend effect werd niet als kitch ervaren maar effectief gebruikt. Bepaalde mensen hadden de evolutie van de stoel niet gezien en konden die er ook niet meer in herkennen. Ik vraag me af of dit wel het geval zou zijn moest je de naam "stoel" erbij krijgen? Eén iemand vond het geheel wat te donker, er mankeert licht.

De ruimtes werden totaal anders ervaren. Het is iets waar je ofwel voor bent ofwel niet. Mijn vraag bij de feedbackronde was "is dit af?" en het antwoord was duidelijk "neen." We zijn hier nog niet tot een even krachtig beeld als het concept van de stier en de stoel. Hoewel ik de intentie had om beide stijlen naar elkaar te laten evolueren tot een krachtiger contrast, kreeg ik meer de feedback om op een bepaald moment te kiezen. Voorlopig zou ik nog een aantal maanden willen experimenteren met de 2. We zien wel waar we geraken.

Labels:

25 januari 2007

e-atelier dag 4: welk type kunstenaar ben je?

Vorige zaterdag 20/1 hebben we nog een heel interessante oefening in het e-atelier. De eerste oefening op de nuchtere maag was ons opdelen in 2 groepen. De ene groep kreeg de opdracht "iets" te schilderen. Er was materiaal aanwezig om inspiratie op te doen: boeken, tijdschrijften,... De mensen uit de andere groep kregen één collega toegewezen die ze gedurende een half uur moesten observeren op de volgende criteria:
  • Methode: denkt je voor je doet, stap je achteruit voor een overzicht, vertrek je vanuit een idee, of eerder intuïtief,...
  • Materiaal: hoe ga je om met het materiaal, zorgvuldig kiezen of het eerste het beste, specifieke kleuren, specifieke kwaliteiten,...
  • Vorm: hoe ziet het beeld eruit, zit er beweging in, is het strak, organisch, zijn de kleuren zuiver of gemengd...

Een half uur de tijd konden we observeren. Daarna draaiden we de rollen om.

Een heel leerrijke oefening. Ik heb gezien hoe één van mij collega schilders tewerk ging: bedachtzaam, rustig, heel bewust en kritisch het materiaal uitzoekend, zich installerend, vanuit een eenvoudige schets met enkele potloodlijnen, met olieverf, 3 primaire kleuren en wit, rekening houdend met structuur, werkend met penseel en vingers, slechts 1 borstel, quasi geen verdunner, heel pasteus, continu bijsturend, het geheel laten groeien.

Nochtans bij de nabespreking gaf deze collega aan dat dit niet haar "normale" werkmethode was. Ze heeft bewust geëxperimenteerd met olie terwijl ze meestal met acryl werkt. Ze startte bewust ook van een schets terwijl ze anders intuïtief tewerk gaat.

Vandaar dat ik minder goed kon zien dat ze eigenlijk een tegengestelde stijl heeft als die van mij.

We moesten elkaar scoren op de volgende eigenschappen:

  • beeldhouwen of muziek
  • rechtlijnig of versmelting
  • ratio of emotie
  • afgelijnd of geen omtrek
  • sober of weldadig
  • klassieke kunst of barok
  • lineair of picturaal
  • gesloten of open
  • symmetrie of diagonalen
  • frontaal of diepte
  • absolute klaarheid of relatieve donkerte
  • weinig licht-effecten of schaduw en licht
  • analyse van het geheel via zijn delen of innerlijk leven, expressie
  • lijn of kleur
  • eerst de klik en dan doen of eerst doen tot de klik komt

M.a.w. Heb je een apollinische of een dionysische stijl?

Als ik mezelf moet scoren op het continuüm tussen deze 2 extremen dan zie ik mezelf heel duidelijk aan de apollinische kant. Heel gestructureerd volgens een duidelijk stappenplan. Op voorhand zo goed mogelijk inschatten waar ik naartoe wil. Iets waar ik tijd voor nodig heb. Heel goed doordacht met zoveel mogelijk evenwicht en transparantie. Dat zie je duidelijk in mijn ruimtes.

Maar ik was al bezig aan het experimenteren met de andere kant om daar het plezier van de emotie, de voeling, de versmelting, het intuïtieve te kunnen meenemen.

Ik streef dus naar the best of both worlds. Benieuwd of ik dat zal vinden.

Labels:

24 december 2006

e-Atelier-dag 3: praktische oefening

In de namiddag van de derde dag hebben we een praktische oefening gedaan met abstractie. De bedoeling was met je lichaam bepaalde poses aan te nemen waardoor je lichaam als een abstract object overkwam en niet meer als een mens met een verhaal. Dit werd digitaal gefotografeerd. Die oefening hebben we in verschillende stappen uitgewerkt:
  1. iedereen zat op een stoel en we kregen opdrachten: volg de vorm van de stoel, vul de stoel, sluit de stoel, verleng de stoel,...
  2. met 2 samen, 2 stoelen en 1 regisseur een nieuwe opdracht: vorm abstracte composities met de 2 lichamen en de 2 stoelen. Je kan je al voorstellen dat dit plezierig werd ;-) Je herkent alvast Carine en Ellen op de foto.
  3. we verhuisden van het atelier naar de traphal: abstracte composities met 1 lichaam op de trap
  4. dan werkten we in groepen van 3: iedere groep kreeg 1 ruimte, 1 digitaal fototoestel. Maak abstracte foto's. De groepen schoven door van ruimte maar het toestel bleef daar ter plaatse zodat je de oplossingen van de vorige groepen kon zien en nieuwe bedenken.
  5. de 10-tallen foto's hebben we geprojecteerd en in groep geanalyseerd. Waarom werkt die wel of niet? Hoe werd er gewerkt met herhaling, afsnijden van beelden, verlenging, contrasten, strakheid, vloeiendheid, rechte lijnen, organische vormen,...
  6. Iedereen koos 1 of 2 beelden uit de reeks en werkte ze uit in een materiaal van keuze. De bedoeling was het beeld uit te puren, alle ruis eruit te halen, te werken op cadrage. De ene koos pastel, potlood, inkt,...
Deze beelden heb ik uitgewerkt. Ik geef ze als titel: zelfportret 1 en zelfportret 2.

Labels: , ,

e-Atelier-dag 3: bespreking

Vorige week zaterdag kwamen we voor de 3de dag samen in het Wisper e-atelier. De dag bestond uit 3 delen:
  • bespreking van ons huiswerk
  • overleg rond de tentoonstellingsruimte
  • een praktische oefening in abstractie
Om beurt hebben we onze vorderingen uitgelegd. Ik had het gevoel dat de deelnemers toch al meer op hun gemak waren om hun werk te tonen. Ik herinner me nog het moment dat ik voor de eerste keer mijn werken moest tonen aan een groep, een 4-tal jaar geleden. Damn dat was op de tanden bijten. Je geeft zoveel bloot. Ondertussen ben ik er al wat over. Ik vind het nog altijd niet tof om het te moeten toelichten, maar met het tonen zelf heb ik geen moeite meer.

Je merkte dat heel wat mensen toch wel op dreef beginnen komen. Iedereen begint zijn richting te vinden. Ongelooflijk hoe verschillend we allemaal bezig zijn.

Zelf heb ik de Toro-kant van mezelf laten zien ;-) Op de momenten dat de ruimtes teveel geduld van me vragen en dat ik teveel energie heb om dat rustig op te bouwen, smijt ik me in het Toro-Asiento verhaal waar ik de paralellen zoek tussen de stier en de stoel waar de huid van de stier in verwerkt is. Ook de techniek is totaal anders. Pasteus, minder kleur maar hardere kleuren en contrasten, zonder borstels maar met de vingers geschilderd. De mensen schrikken toch steeds als ik die 2 kanten van mezelf toon. Aan de ene kant die idylische, geïdealiseerde wereld, aan de andere kant de harde realiteit.

De feedback kwam duidelijk: de 2 richtingen lijken mogelijk. Werk verder uit maar studeer op cadrage. De composities zijn te centraal, te braaf. Het werk kan krachtiger worden door hiermee te spelen. Wat me erin heeft tegengehouden was de "eindigheid" van de panelen. In de bespreking in groep kwam ik tot inzicht dat ik beter een stuk doek neem en mijn beeld creëer die ik nadien nog kan bijsnijden. Het denken aan cadrage remt mijn elan van het moment. Ik moet bekennen dat ik steeds zodanig beredeneerd met alles tewerk ga dat ik mijn spontaniteit verlies in de verf. Dat heb ik minder met houtskool. Ik moet dus oplossingen vinden om dit te behouden. Dus als ik de 2 fases los van elkaar bekijk zal ik me meer kunnen laten gaan in het schilderen zelf. Dat zal ik zeker uitproberen.

Het ultieme zou zijn om die 2 werelden te laten samenkomen in 1 werk, maar daar ben ik nog niet aan toe. Het zijn nog te verschillende emoties waar ik me in bevind die ik nog niet kan kanaliseren en combineren. Maar het komt. De beelden beginnen te komen. Ondertussen kan ik ook verder met de ruimtes waar ik verder kan zoeken naar nieuwe beelden en bewerkingen ervan. Zeker iets om me in de kerstvakantie in te verdiepen. Ik heb nog impulsen genoeg om een maand verder te experimenteren en te studeren.

Na het overlopen van iedereens werk kwam de tentoonstellingsruimte aan bod. We hebben opties bekeken in verschillende richtingen: gallerijen, culturele centra, lofts, bedrijven. Die laatste lijkt toch wel een interessante optie. Nadeel is dat de tentoonstelling niet in het weekend te bezoeken is. Daartegenover staat een heel professionele ruimte met mogelijkheid voor vernissage en finissage. Ik verklap nog niet welke optie open ligt, maar ik voel me er wel toe aangesproken. Vorig jaar had het e-atelier tentoongesteld in een Gentse gallerij. Hier is echter niet zoveel volk op afgekomen. We hopen door samen te werken met een bedrijf die hier een beleid rond heeft dat we een groter bereik van klanten en zo kunnen bereiken. In januari wordt de ruimte bezocht en geëvalueerd.

Naast de ruimte zal de communicatie echter heel belangrijk zijn willen we wat volk trekken. Het belangrijkste echter is dat we iets te vertellen hebben. Wat is het doel van de tentoonstelling? Welk verhaal willen we brengen? Een groepsverhaal? Mijn visie errond is dat het unieke aan de groep is dat we continu met elkaar verbonden zijn via het internet. Deze nieuwe technologie maakt dat we verder komen dan elk individu apart. We ondervinden wel dat het maandelijks samenkomen heel belangrijk is om een bepaald vertrouwen op te bouwen. En dat een minimale intensiteit van online discussie ook nodig is om verder te groeien. Volgens mij kunnen we met die insteek een mooie tentoonstelling bouwen rond de invloed van het e-aspect in ons werk. Later meer over de tentoonstelling.

Over de praktische oefening van de namiddag vertel ik later.

Labels:

29 november 2006

e-Atelier-dag 2: praktische oefening

Na de middagpauze zijn we in actie geschoten. We kregen een kort filmfragment te zien met een opdracht in 4 stappen:



  • stap 1: gewoon observeren
  • stap 2: opnieuw observeren en snelschetsen maken van beelden die je aanspreken
  • stap 3: 2 beelden kiezen: beeld 1 die je vooral inhoudelijk aanspreekt, het verhaal en beeld 2 die je qua beeld, het visuele aantrekt
  • stap 4: werk als regisseur zelf je beeld 1uit zodat je de inhoud behoudt maar de enscenering wijzigt en neem 1 visueel aspect van beeld 2 en werk dit uit in een ander inhoudelijk kader

Ik had gekozen voor:

  • Beeld 1: leaving home, iemand die zijn wereld verlaat, eruit wegloopt
  • Beeld 2: het aspect scherpte-diepte
Beide beelden heb ik geschetst en geschilderd.





















Het was weer een zeer gevulde dag waar ik veel heb bijgeleerd zowel uit de discussies van de medecursisten als uit de oefening die ik op mijn eentje nooit zou doen. Zomaar schilderen uit mijn hoofd. Het doet me wel goed dat eens te durven. Het leert me om af te stappen van te dicht bij mijn foto's te blijven. Ik heb zo ontdekt bij mezelf dat ik op die manier veel conceptueler, abstracter werk dan als ik van een foto vertrek. Benieuwd hoe de anderen het ervaren hebben. Ik voel me in elk geval prima in de groep. Je voelt er je direct op je gemak. En de begeleiding van Liesbet is heel sterk. Je voelt zo je eigen grenzen verleggen door die ondersteunende coachingtechniek. Echt heel tof om dat ook te observeren.

Labels:

e-Atelier-dag 2: bespreking huiswerken

Zaterdag 25 november was het de tweede bijeenkomst van het e-atelier van Wisper. Liesbet had heel wat op het programma staan:
  • groepsdiscussie hoe verloopt het online discussiëren en samenwerken
  • presentatie en feedback van de opdrachten
  • praktische oefening vertrekkende van een filmfragment

Het online discussiëren verliep aanvankelijk wat chaotisch maar ondertussen hebben we allemaal onze werkmethode gevonden. Ik had enkele weken geleden op voorstel van een medestudent een google groups opgezet om de massa aan mails uit mijn mailbox te houden. Het was mijn eerste keer dat ik met google groups had gewerkt en ik moet zeggen dat het zeer vlot ging om op te zetten, maar ik vind de interface zelf niet zo gebruiksvriendelijk. De nieuwe bètaversie lijkt alvast een verbetering. Het grote voordeel is dat je niet alles meer op je mailprogramma moet bewaren en dat je er van overal aankan. Maar het uitwisselen van beelden is tot nu toe nog niet vlot gegaan. We zoeken nog verder. De teneur van de groep dat dit echter een goeie manier is om in groep online te discussiëren. We brengen enkel wat meer structuur in de discussies aan zodat het allemaal wat overzichtelijker wordt. De max vind ik dat er 2 medestudenten zelf ook met een blog zijn gestart. Heel tof hoe snel ze daarmee weg zijn. Ann is bij Skynet van start gegaan, Hannah heeft een blog bij Blogger opgezet. Tof om nu ook hun evolutie online te volgen. Maar het blijft toch wel wat extra tijd dat je erin moet steken om alles uit te zoeken en dat heeft niet iedereen. Ik was al heel aangenaam verrast hoe snel we de groep met deze nieuwe technologie laten werken en hoe iedereen daarbij elkaar helpt!! De nieuwe generatie kunstenaars!!

Dan kwamen de opdrachten zelf aan de beurt. Het viel me op hoe zelfzeker mensen op bepaalde vlakken of momenten zijn, maar dan toch zo onzeker zijn op bepaalde punten. Het blijkt iets typisch aan iedere kunstenaar. Als je een afgewerkt product ziet denk je dat alles er intuïtief uitvloeit, maar soms is het echt een zeer frustrerend proces van zoeken, proberen, herproberen, nog proberen tot je die drempel over bent om dan weer in een heel nieuwe elan te komen. Dat heb ik duidelijk gevoeld met mijn maquette. Het was ongelooflijk wat een kick dat gaf om mijn eigen wereld, waar ik zolang naar op zoek ben geweest, opeens zelf te kunnen creëren. Ook verftechnisch lijk ik een weg ingeslagen te zijn die goed bij die wereld aansluit en een heel aparte sfeer oplevert. Liesbeth verklaarde van waar de opdracht rond de olieverf kwam. Ze had opgemerkt dat mijn houtskooltekeningen over het algemeen betere sfeerbeelden opleverden maar dat ik wat vast zat in de acrylverftechniek. Ze geeft aan dat olieverf als materiaal dichter bij houtskool staat dan acryl. Het is bij wijze van spreken ook "kneedbaar" terwijl acryl door de snelle droogtijd veel verder daarvan afstaat. Nu ik echter de techniek van vele glacy lagen aan het leren ben, lijkt acryl even "kneedbaar," "vormbaar," continu bij te sturen. Het is op deze manier perfect mogelijk bepaalde delen naar de voorgrond te brengen of weer weg te schilderen in de achtergrond. En ook het mengen van kleuren is eenvoudiger. Het is door het mengen van primaire verflagen boven elkaar dat er kleuren ontstaan, niet door het mengen op voorhand. Je kan het vergelijken met pointillisme maar daar werden kleuren naast elkaar gezet. Ik bouw die minuscule puntjes boven elkaar zodat ze 1 nieuwe kleur vormen.

Een aantal belangrijke nieuwe tips:
- Opletten met het gebruik van wit. Beter is om het wit van het canvas en de transparantie van het doek te gebruiken. Ik zal er zeker rekening mee houden maar dat betekent dat ik mijn beeld waarschijnlijk anders moet opbouwen.
- Inspiratie opdoen vanuit de werken van Henry Moore die veel 3D-werken heeft gecreëerd in een soort gekapselde vorm. Een aantal voorbeelden maakten alles duidelijker. Inderdaad. Mijn werk kan dat begrenzende, dat inkapselen en afsluiten wel gebruiken.

Conclusie van de feedback: ik kan nog heel lang verder door die nieuwe richting te vinden. Mijn ultieme doel is op termijn een afbeelding te schilderen de grootte van een muur in een kamer om daar mijn ruimte op te creëren. Benieuwd wat de bijsturing van de opdracht wordt.

Andere medestudenten leken een even grote elan te hebben gevonden in bijvoorbeeld technieken van opbouw van een werk: van lijntekening, naar vlaktekening met inkt over monotypes naar olieverfschilderijen. Of in het verdiepen in een materie. Ongelooflijk wat je allemaal met een potje bisterinkt kan doen. Ik zag werkjes waarin pure bisterkorrels op het natte blad werden gestrooid. Ik hoorde tips van het werken met een borstel ter grootte van een paardestaart. Ik leerde hoe inkt met een leisteen en een inktstaaf werd gemaakt. Aan de andere kant hoorde ik ook ervaringen van mensen die tegen een bepaalde drempel aanlopen en er over moeten. Iemand had zoveel ideeën in het hoofd en daardoor moeite om één richting te kiezen. Een andere cursist produceert zoveel maar kan moeilijk voor zichzelf uitmaken of ze goed bezig is. Het lijkt dan ook normaal om af en toe eens tegen een muur te lopen en de elan kwijt te hebben. Volgens mij is het een kwestie van tijd eer die frank valt en je weer vertrokken bent. Ik heb het ook meegemaakt enkele maanden geleden. Door me, op aanraden van Koen, een leraar van enkele jaren geleden, eens op een ander onderwerp te storten met een andere techniek kom je soms op totaal nieuwe inzichten en vind je weer een nieuwe richting om verder te gaan. Het enige wat je nodig hebt om eruit te geraken is geduld, tijd en zelfvertrouwen om de kop niet te laten zakken en die leerdrempel over te geraken.

Deze opdrachtbesprekingen hebben de hele voormiddag in beslag genomen. We hadden blijkbaar echt nood om toelichting te geven bij onze opdrachten en om te luisteren naar elkaars feedback.

Morgen vertel ik meer over de oefening die we in de namiddag hebben gemaakt.

Labels:

22 november 2006

Opdracht 1: work in progress

stap 1stap 2Om deze imaginaire wereld te creëren gebruik ik de schildertechniek van glaceren. Het is een werk van lange adem ;-) Ik ben terug overgeschakeld naar acryl omdat dit sneller droogt. In de foto's zie je het resultaat van de verschillende tussenstappen in het aanbrengen van tientallen, honderden heel dunne laagjes verf en hoe zo de ijle sfeer van de foto wordt benaderd. Ik ben er nog niet volledig, maar ik voel bij mezelf dat het de goeie weg opgaat. Het voelt in elk geval beter aan dan het eerste experiment in olie.

Wat vinden jullie ervan?

Labels: ,

09 november 2006

Opdracht 1: van maquette naar schilderij

Voila, een eerste voorsmaakje van mijn eerste olieverfschilderij op papier. Het is zeker nog niet af. Het licht is nog niet ok. De donker-licht partijen zijn nog niet op hun plaats. Maar feedback is alvast welkom.

Het is wel vechten met die nieuwe materie want als je gewoon bent om in acryl te werken wordt je toch wel wat ongeduldig dat die olie. En zeker van die geur en die opkuis achteraf. Ik moet nog serieus doorbijten.

Labels:

03 november 2006

Opdracht 1: de maquette

Voilà, gisterenavond ben ik er meteen in gevlogen. Eerst gedacht wat materiaal ik kon gebruiken en ik had niet veel voor handen thuis. Een boek van mijn inspiratiebron Verner Panton, een doos, papier en een waterverfdoosje volstonden om te starten. En dan maar knippen, plakken, en uiteindelijk digitale foto's maken en wat bewerken met filters. Ik moet eerlijk zeggen dat ik versteld stond van het resultaat via deze techniek. Volgende week vertaal ik het op mijn ezel ;-)




Labels:

Wisper: opdracht 1

Het huiswerk is verwerkt. Na enkele dagen spanning krijgen we van Liesbet de eerste opdracht:
---------------------------------
"Hard gewerkt aan je analyse ! En zeker inspirerend om je blog uit te pluizen.

Daar gaan we dan:
Maak kleine 3-dimensionale maquettes in één soort materiaal:
- papier met ecoline-inkt gekleurd geeft prachtig licht
- dit papier rollen, vouwen, scheuren, knippen en nieten
Fotografeer onderdelen zeer dichtbij, zoek kadrages, speel met extra belichting en contrasten in licht. De maquette op zich is niet belangrijk, wel de keuzes die je maakt in het fotograferen.
- ook klei kan ideeën geven maar dan heb je geen kleur

Werk één zelfgemaakte foto uit in OLIEVERF ? ook al ken je niet veel van olieverf ? probeer het verschil te ervaren met acryl. (hoeft niet groot te zijn)"
-----------------------
Prachtige opdracht! Ik kwam eergisteren op hetzelfde idee om het in maquette uit te werken toen ik dit weekend de film The sketches of Frank Gehry zag.

En in olieverf! Dat is wel een stap die ik niet zelf zou gezet hebben, maar ik vlieg erin.

Labels:

24 oktober 2006

e-Atelier-dag 1: het huiswerk

Na de eerste e-atelierdag kregen we de opdracht om jezelf in het theoretisch kader met de 4 kwadranten te definiëren. Waar sta ik zelf als kunstenaar? Zit ik daar goed? Waar ik mee? Waar wil ik naartoe? Hier gaan we.

Bekijk alvast eens mijn werk en laat me weten wat je er zelf van vind.

Zelf zie ik het zo. Ik denk dat ik me sowieso eerder aan de reportage/anders zien kant bevind dan aan de metaforische/abstractiekant. Blijkbaar zit ik diep vastgeworteld in de wereld om echt te kunnen abstraheren of symboliseren. Hoewel dit laatste me heel erg interesseert en ik hier zeker wat oefeningen in wil doen. Ik voel me dus meer in de richting reportage/anders zien. Daar zit ik te worstelen. Mijn onderwerp zijn vooral ruimtes die een bepaalde sfeer oproepen. Het gaat over ruimtes gevuld met organische, niet realistische vormen die tafels, zetels en stoelen kunnen zijn. Ik streef naar een evenwichtige, behaaglijke sfeer door toch gebruik te maken van veel warme kleuren. Maar, ik blijf vaak plakken in die realiteit. Ik vertrek van foto's die deze "fantastische" wereld al benaderen en vertaal die dan naar een schilderij. Zelf is het mijn bedoeling om zo'n wereld te kunnen creëren, voorstellen, erin te kunnen wandelen en fragmenten daaruit te schilderen om zo mensen mee te nemen in die utopische, ideale wereld met veel kleur, licht, ruimte, sfeer. Op zich hoeft het niet direct een zware textuur te hebben hoewel het materiaal wel heel belangrijk is, maar niet als doel op zich. Ik wil glanzende en matte oppervlakken combineren en zo nog meer ruimtelijkheid scheppen. Dus ik wil echt wel die wereld creëren, dat anders zien benadrukken, maar ik heb nog te veel het concrete, de foto nodig om hier voluit in te gaan. Uit de klemtonen die ik hierboven beschrijf blijkt duidelijk dat ik niet direct de "reportage-" kant benadruk. Voor mij is het verhaal niet zo van belang maar des te meer het materiaal die ik gebruik en het effect die ik ermee bereik. Er zit voor mij wel een verhaal achter die utopische wereld, maar het is niet mijn eerste doelstelling om die naar anderen duidelijk te maken. Mijn eerste doel is het kunnen creëren van die wereld in mijn hoofd en daar toeschouwers in mee te nemen. Zich erin laten verliezen in die onherkenbare, vervreemde, solitaire ruimtes die toch de ultieme rust, kalmte, behaaglijkheid uitstralen en je snel op het gemak brengen om erin te stappen. Zo wil ik dit zelfs doortrekken naar muurschilderijen, zo groot dat je precies in die ruimte kan binnenstappen. Ik zou op termijn dan ook willen experimenteren met het trompe l'oeil effect.
Waar zit ik nu. Ik heb dit onderwerp gevonden een 2-tal jaar geleden. Eén jaar heb ik gewerkt op kleurgebruik in die organische wereld wat resulteerde in het kopiëren van foto's van ontwerpers die dergelijke wereld voor mij hebben gecreëerd. In die zin ging ik volledig mee in het "anders zien" van die ontwerpers. Ik heb geleerd om in het hoofd van die mensen te kruipen en ander "meubilair" in deze ruimtes te plaatsen. Vorig jaar heb ik op allerhande materiaal en technieken gewerkt om verder dan dat "andermans zien" te gaan en eigen "anders zien" te creëren. Maar dat lukte enkel in eenvoudiger composities. Ik rij me vaak vast in de combinatie van kleur, organische vormen en de sfeer... De sfeerschepping lukt al aardig in eenvoudige perspectivistische composities. Hier ben ik al tot behoorlijke formaten kunnen komen (tot 200 X 100 cm) met een resultaat waar ik me echt goed bij voel. Als ik echter die organische wereld schilder, rij ik me vast precies omdat ik te lineair, abstract denk. Ik zie geometrische vormen en wil die aflijnen. Terwijl er in die wereld geen echte lijnen zijn enkel maar kleurnuances, licht-donker contrasten. Nochtans ga ik zeer methodisch te werk om te weten waar het precies misloopt. Ik vertrek eerst van een studie van het beeld en werk die verschillende keren uit in houtskool. Daar lukt het me zeer goed om de sfeer erin te leggen die ik wil krijgen. Contrast, gedurfde lijnen gecombineerd met gevoelige uitgeveegde oppervlaktes. Dan ga ik over naar pastelkrijt. Hier wordt het al moeilijker. De kleuren nemen al wat van mijn contrast weg. De lijnen en de durf blijven nog aanwezig. Ga ik dan naar verf en zeker op doek, dan verlies ik de zelfzekerheid. Ik bouw voorzichtig op in kleine stappen zodat ik op tijd terug kan bijsturen. Die stap voor stap, gebrek aan durf methodiek blijft precies aanwezig in het eindresultaat. Ik wil het met evenveel trefzekerheid kunnen doen als bij houtskool, maar om één of andere manier slaag ik er nog niet in. Ik zoek dus al een tijdje naar een andere manier om die wereld te kunnen vormgeven. Ik heb al gewerkt met het gieten van verf wat een verrassend effect geeft. En ook heel wat middelen als mediums, glanzende pasta onderzocht die ook extra dimensie geven. De techniek waar ik me nu goed bij voel is onderschilderingen bewerken met pastelkrijt en dan fixeren met medium of fixatief en afwerken met verschillende vernissen. Maar ik ben nog steeds op zoek. Ik overweeg om meer de computer in te schakelen om zelf eerst mijn wereld op voorhand te creëren die ik dan gemakkelijker in verf kan uitwerken maar hier moet ik nog heel wat techniek onder de knie krijgen om beeldverwerkingspakketten te kunnen hanteren waarmee ik dit kan bereiken.

Op momenten waar ik volledig vast zit, leef ik me uit in totaal andere onderwerpen of een totaal andere manier van schilderen. Hoewel ik in de ruimtes heel voorzichtig opbouw, in vele lagen van transparante glacy's duik ik dan in de pure, pasteuze verf met grove borstels, klein kleurenpallet behoorlijk primair en donker. Of ik duik in landschappen met een specifieke architecturale vormen en sferen. Of ik experimenteer met materiaal, collages, kleuren om een bepaalde reportage te maken. Of ik schilder slapende gezichten, emotieloze, rustige gelaten die evengoed dood als slapend kunnen zijn. Of... Eender wat om nieuwe technieken en inzichten te leren om toch die ultieme wereld te creëren.

Labels:

e-Atelier-dag 1

Zaterdag ben ik naar Leuven getrokken voor de eerste les van het e-atelier georganiseerd door Wisper. Het was keihard om de zaterdagmorgen vroeg op te staan naar een week van hard labeur ;-) maar achteraf gezien was het zeker de moeite waard. Trouwens, mijn ventje had mij naar het station gebracht (ja, hij, zo vroeg, en met een goed humeur, ongelooflijk! Dank u ventje!!) en de trein is altijd een beetje reizen. Door de directe verbinding kon ik me een uurtje gezellig nestelen in een comfortabele zetel.

Ligging is perfect. Na 10 minuten stappen kwam ik aan de hand van het plannetje zeer goed op tijd toe. Ik kon nog op het gemak verder wakker worden, een theetje scoren en de collega-studenten leren kennen. Stuk voor stuk toffe mensen met een verhaal. Mensen van alle leeftijden en uit alle streken die iets te zeggen hebben maar ook ontzettend goed kunnen luisteren. Echt een toffe bende waar je je direct op je gemak bij voelt. Ook het atelier zelf vond ik schitterend. Heel ruim, een prachtige grote tafel waar je kan op kliederen en experimenteren. Grote schildersezels en vooral héél veel licht. Een heel contrast met de Academie. Daar staan we allemaal zo dicht op mekaar. Dit jaar heb ik het er trouwens heel moeilijk mee. Ik heb echt ruimte nodig. Om zaken aan de muur te hangen, verf te mengen, 3 schilderijen tegelijk te maken,... en dat is daar quasi niet mogelijk. In Leuven lijkt het alvast ruimer.

En dan vlogen we erin. Na een korte introductie eerst een opwarmingsoefening. We kozen allemaal een kleur plakaatverf en een borstel. We stonden naast elkaar aan een grote tafel met een blad papier voor ons neus en kregen opdrachten:
  • schilder het blad volledig in je gekozen kleur
  • geef het blad door naar links en schilder de naam van je rechterbuur op het blad
  • geef het blad door naar links en vul bepaalde vakken van de naam in
  • neem terug je eigen blad en maak het af en personaliseer je werk
En zo ging het 3 oefeningen door. De bedoeling was elkaar te leren kennen, in elkaars werk te kunnen komen en vooral ook je eigen werk te leren afstaan en laten afbreken om daarna met nieuwe inzichten het te kunnen opbouwen. Woaw, wat heb ik me geamuseerd. Van binnen leek ik terug 3 jaar, had ik maar wat vuilere kleren aan, dan had ik ook deze grens niet om rekening mee te houden ;-)

Toen kwam een korte presentatieoefening aan bod. Iedereen mocht zich voorstellen en zoals ik al zei, stuk voor stuk boeiende mensen die je eigen situatie meteen laten relativeren.

De laatste oefening voor de middag was een groepsschilderij. We kregen een blad van zeker 8 meter breed en anderhalf meter hoog. Het was een soort chemisch papier. Ik heb niet zo goed begrepen wat het was. Ik moet dat nog eens opzoeken maar dat was niet zo belangrijk. De oefening bestond erin om eerst een plekje te zoeken en er elk één figuur op te schilderen. Dit mocht zowel figuratief als abstract zijn. Iedereen kon dit tegelijkertijd doen. Daarna kwam iedereen één voor één aan beurt met de bedoeling om evenwicht te creëren in de onsamenhangende figuren. Na deze derde ronde was het de bedoeling om een richting te kiezen. Gaan we abstract verder of kiezen we voor een verhaal. In deze discussie gingen mijn ogen echt open. Ik zag er geen samenhang in. Het leken me losse flodders van vormen die op zich wel gecombineerd konden worden, maar ik zag er alvast geen verhaal in. Ann wel. Ze heeft er zeker 5 minuten aan een stuk over verteld en geïnterpreteerd. Wat een fantasie ;-) We geraakten er niet echt uit en gingen verder met een compromis. We zouden verhalend verder werken maar hier en daar kon toch wat abstractie. En zo gingen we nog een half uur verder in acrylverf. Het eindresultaat bleef me niet echt als coherent overkomen, maar er kwamen wel heel leuke stukken uit. Het enige wat ik gemist heb, nu ik er nog wat over nadenk is dat we er als groep geen titel voor gekozen hebben.

Na de middag gingen we verder met wat discussies. We gingen in groepen werken en kregen een stapeltje reproducties van schilderijen. Hieruit moesten we 3 extreem verschillende werken kiezen. En daar kregen we dan vragen over:
  • gaat het over een verhaal of is het een abstract beeld
  • in welk materiaal is het uitgewerkt
  • wilt de schilder iets vertellen met zijn schriftuur, compositie, vorm, kleur...
Uiteindelijk kozen alle groepjes voor 1 werk die we dan in de grote groep naar voor brachten. Wij hadden gekozen voor een werk van Max Ernst Ubu Imperator. 1923. Oil on canvas. 100 x 81 cm. Het was een werk uit het jaar 1923 met een afbeelding van een rode figuur op een idilisch, gestyleerde achtergrond van lucht met wolken en een zandkleurige grond waarmee hij duidelijk ruimte simuleerde. De figuur zelf deed denken aan de toren van Pizza of een watertoren. Deze stond of eerder ballanceerde op een pin in plaats van op benen en voeten. Dit gaf een gevoel van een broos evenwicht, hoewel de figuur toch behoorlijk zelfberaden rechtstond door de centrale compositie in het beeld. De schildertechniek was wat naïf. We veronderstellen dat het olieverf is, gezien het tijdsperk, maar toch was het behoorlijk grof geschilderd. Je zag duidelijk de penseelstreken. Ook het gebruik van vooral primaire kleuren gaven een naïve uitstraling. De figuur daarentegen leek toch fijner uitgewerkt. Een bepaalde realistische uitvoering met schaduwtechniek en een repeterend patroon. Conclusie, de schilder wou duidelijk een verhaal brengen hoewel we niet direct begrepen wat die precies was.

De volgende discussieoefening bestond eruit elk voor zichzelf een reproductie te kiezen en eruit te "lezen" wat de schilder bedoelde. Dit brachten we één voor één naar voor. De keuze van de mensen was divers. Bepaalde kozen voor de sfeervolle werken van Speliart, of verhalende beelden van Kahlo. Andere voor de grote Vlaamse meesters. Ik meen me ter herinneren dat ik de enige was die een meer abstracter beeld had gekozen. Mijn favoriet was een beeld van Jasper Johns. De titel stond niet op de reproductie maar het was Figure 5, 1960, encaustic and newspaper collaged on canvas, 183 x 137.5 cm. Het was een heel contrastrijk en grof werk. Iets wat mij direct "durf" deed uitstralen. Hoewel het op A4 formaat was geprint leek het me een zeer groot werk. Wat me er vooral in aansprak was hoe hij de geometrische lijnen zeer plastisch had vormgegeven. Er stonden geen lijnen op getekend, en toch waren er duidelijk lijnen te zien. Hij gebruikte geen kleur maar bleef bij de essentie: zwart, wit en grijzen ertussen. Zijn schriftuur leek heel grof, met druipende stukken. Zijn lijnen werden ontstonden door 2 extreme contrasten tegenover elkaar te zetten. Het gaf me een brute, sobere uitstraling maar vooral heel veel lef en durf. Van het materiaal ben ik niet zeker. Johns was zeker gestart vanuit een collage met krantenpapier. Maar had hij het nu afgewerkt met olie, acryl of zelfs was. Ik weet dat Johns serieus ver ging in het experimenteren met materiaal. Maar op de reproductie was het moeilijk te zien. En was het nu abstract of figuratief? Ik vond van wel tot iemand me zei "maar dit is toch een 5." En toen zag ik het. Tot dan was het voor mij een abstract spel van ronde en rechte lijnen. Ik wist eerst niet hoe ik het moest houden, wat boven en beneden was. En opeens werd het een 5. Ik moet eerlijk zeggen dat mijn eerste reactie net het tegenovergestelde was van daarvoor. Ik moest er precies niets meer van hebben. Ik bleef me fixeren op die 5 die ik niet had gezien. Had ik de titel maar meegekregen ;-) Volgens mij is de grote ontbrekende factor het formaat geweest. Als je dit in het groot had gezien zou die schriftuur waarschijnlijk het symbool domineren. In elk geval een prachtig werk. Hoe je een eenvoudig emotieloos feit als het cijfer 5 toch zo boeiend kan brengen dat je er niet op uitgekeken geraakt. Ik zoek hier zeker nog wat meer info rond wat zijn bedoeling precies was.

De laatste oefening lag in het verlengde van de vorige. We hadden wat oefeningen gedaan rond het "lezen" van een werk en het inkomen in het verhaal van de kunstenaar. Nu kregen we nog wat theorie mee. Een model die de kunstwerken opdeelt in een aantal dimensies. Enerzijds heb je kunstenaars die werken rond inhoud. Het onderwerp als subject. Het verhaal, de idee. Ze benadrukken het conceptuele, de betekenis voor de maatschappij, de sociale rol van de kunst. Aan de andere kant heb je kunstenaars die het tegenovergestelde benadrukken: het onderwerp als object waarbij het vormelijke, het beeld als doel op zich wordt benadrukt. Hier staan kleur, vorm, compositie, schriftuur, textuur, ruimte, materiaal, het beeld als doel op zich centraal. Naast deze as heb je een tweede die deze loodrecht doorkruist. Deze variëert van het nastreven van de wereld zoals die is, tegenover het andere extreem waar alles staat voor iets anders. Hier worden vooral symbolen gebruikt.

Vanuit deze assen ontstaan 4 kwadranten:
1. Metafoor: kunstenaars die zich in deze hoek bevinden benadrukken het verhalende in het werk, maar doen dat op een symbolische manier. Alles wat je ziet staat voor iets anders.
Voorbeelden: Anish Kapoor, Christian Schad (die was nieuw voor mij ;-), Delveaux, Kahlo, Margritte, Andy Warhole...
2. Reportage: hier wordt eerder de klemtoon gelegd op het verhaal maar op een zeer realistische, expliciete manier weergegeven. Het verhaal wordt als het ware geregistreerd.
Voorbeelden: Realisme van Chuck Close,
3. Abstractie: in dit kwadrant zitten we aan het ander extreem met de nadruk op het beeld als doel op zich. De vorm, kleur, verhoudingen worden geanalyseerd en bestudeerd tot een harmonisch beeld, zonder eigenlijke betekenis.
Voorbeelden: Minimalisme, Yves Klein, Robert Ryman, Jasper Johns, Tapièz, de recent ontdekte Elisabeth Murray plaats ik hier ook.
4. Anders zien: tot slot heb je de kunstenaars die werken rond het beeld als doel op zich, maar die toch vertrekken vanuit de werkelijkheid. Zij geven eerder een eigen interpretatie van de wereld.
Voorbeelden: Francis Bacon, Morandi, Renoir, Van Gogh, Edward Hopper, Gustav Klimt,...

Na het overlopen van dit theoretisch model kwam de laatste opdracht van die dag. Kies een reproductie van een schilderij. Positioneer het in dit model en en schilder die 3 keer na maar dan vanuit de invalshoeken van de 3 andere kwadranten. Ik koos er "de paarse mantel met de boterbloemen" van Matisse uit. Een beeld die ik in het "Anders zien" klasseer. Die moest ik dus vertalen naar de metafoor-, de reportage- en de abstracte stijl. Het gemakkelijkste leek me de reportage. Met een aantal technieken kreeg ik het in een meer verhalende realistischer hoek. De dame maakte ik realistischer van vorm. De kleuren meer tertiair, de vormen iets realistischer. Het beste effect kreeg ik door de diepte te suggereren. Matisse gebruikte bewust technieken die de diepte uit het schilderij wegnamen en alles vervlakken. Hij gebruikte veel rood op de achtergronden en blauw vooraan. Hij schilderde zijn behang ook "naïf" van vorm. Door net het tegenovergestelde te doen, werd de uitstraling van het schilderij veel realistischer en dus minder boeiend ;-) De vertaling naar abstractie en metafoor viel veel minder mee. Eerst wou ik de abstractie uitwerken. Door de mantel zonder vrouw en de boterbloemen wat symbolischer af te beelden dacht ik er wel te geraken, maar het kwam nog veel te verhalend over dus klasseerde ik het maar in de metaforische hoek. Een tweede poging om tot abstractie te komen ging nog niet ver genoeg. Het zag er nog veel te verhalend, te concreet uit. Dus daar zal ik nog serieus aan moeten werken. Het ligt dus minder in mijn aard om te kunnen afstand nemen van de realiteit. Tiens, dat duikt hier in deze oefening mooi op. Ik ben altijd al de eeuwige realist teweest. Ik kan heel moeilijk afstand nemen van de werkelijkheid om in een fantastische wereld te duiken. Hoewel dit me sterk interesseert, kan ik er moeilijk inkomen. Ik mis precies een gezonde dosis fantasie. Ik wil steeds voor een bepaald deel met mijn voeten op de grond staan. Ik kan er moeilijk van loskomen. Dat zal ook een reden zijn waarom ik me soms zo vasthou aan beelden die me inspireren. Ik zal wat oefeningen doen om van een bestaand beeld wat metaforen en abstracties te maken. Misschien komt ik dan wel in een nieuwe wereld terecht ;-)

En dan de afsluiter van de dag: het huiswerk. De opdracht is om jezelf in dit theoretisch kader te definiëren. Waar sta je zelf als kunstenaar? Zit je daar goed? Waar worstel je mee? Waar wil je naartoe? Eerst nog even over nadenken. Mensen die mijn werk kennen, geef gerust jullie input.

Labels:

24 september 2006

E-atelier, here we come!

Eind vorig schooljaar schreef ik nog over mijn plannen voor dit jaar. Eén van mijn doelen was het e-atelier van Wisper volgen. Er kwam eerst een kennismakingsronde aan te pas. Vorige zaterdag werden alle geïnteresseerden één voor één geïnterviewd door de lesgeefster Liesbet Verschueren en de vormingsverantwoordelijke van Kunstwerk(t) Petja Gekiere.

Ik moet zeggen interview was grondig. Het opzet van de opleiding werd nog eens duidelijk uitgelegd. Het is inderdaad een engagement dat ze verwachten om met de groep samen elkaars grenzen te verleggen. Het gesprek was niet zo gericht op het eindresultaat van het werk dat je nu al gemaakt hebt, maar eerder op het proces, de persoon en vooral op de openheid van geest om nieuwe zaken uit te proberen om je eigen grenzen en vooral ook die van anderen te verleggen. Vragen die aan bod kwamen waren: met welke materialen werk je meestal, wat vind je belangrijk in je werk, wat wil je bijleren, waarom wil je aan dit project meedoen? Ik had 2 werkjes mee: Lenny's room en The pool en mijn dagboek om aan te tonen waar ik naartoe wil en waar ik nu sta technisch en hoe ik hierin continu dagelijks aan het zoeken ben door te tekenen in de veilige omgeving van mijn dagboek. Ik blijf nog altijd streven naar het zelf creëren van die organische ruimten met felle kleuren, een eigen sfeer geïnspireerd op de jaren 60 en 70 designerswereld (Verner Panton, Saarinnen) en de hedendaagse designers en architecten (Toyo Ito, Calatrava). Maar dan met het toepassen van de nieuwe schildertechnieken die ik vorig jaar heb bijgeleerd.

Vorig jaar heb ik me gericht op wat eenvoudiger beelden, met duidelijke geometrische perspectieflijnen. Zo kon ik me vooral focussen op nieuwe materialen zoals mediums en vernissen. De overschakeling naar de organische ruimtes met zonder duidelijke lijnen maar met eerder een gevoelsmatig perspectief is echter niet van de poes. Maar het komt. Elke dag krijg ik nieuwe inzichten. Ook mede door de uitwisseling van tips in schildertechnieken met medestudenten. (Bedankt Kunstthijs!)

Deze week kreeg ik dan te horen van Liesbet dat ik bij de groep e-atelier geselecteerd ben. Yeehaa! Ik kijk alvast uit naar de manier van lesgeven. Het lijkt een sterk groepsgericht gebeuren tijdens de zaterdagen maar aangevuld met individuele opdrachten. Deze week had ik het nog met mijn leraar Chris in de Academie besproken en hij staat er volledig voor open om die 2 opleidingen te combineren. Ik ben er alvast benieuwd naar. We starten op 21 oktober. En in juni mogen jullie dan een tentoonstelling verwachten van alle deelnemers aan het e-atelier. Wordt dus zeker vervolgd.

Labels: